Dak Helling 1998-09-23

Dossier Voorbeeldprojecten verschenen

In opdracht van de Stuurgroep Experimenten Volkshuisvesting (SEV) en de Nederlandse Onderneming voor Energie en Milieu (NOVEM) is bij het Nationaal DuBo-Centrum en uitgeverij AEneas het 'Dossier Voorbeeldprojecten' verschenen. Hierin staan korte beschrijvingen van de vijftig Voorbeeldprojecten Duurzaam en Energiezuinig Bouwen. Behalve dit dossier, dat een goed overzicht geeft van 33 woningbouw- en 17 utiliteitsbouwprojecten, is bovendien een videoband over dit onderwerp verschenen.
De Voorbeeldprojecten laten zien wat op dit moment technisch mogelijk is op het gebied van duurzaam bouwen en wat binnen enkele jaren vanzelfsprekend dient te zijn in de Nederlandse bouw. In elk woningbouwproject zijn uit het Nationaal Pakket Woningbouw alle vaste en variabele maatregelen genomen die geen meerkosten met zich meebrengen. In elk Voorbeeldproject wordt tenminste één milieuthema wat dieper uitgewerkt.

Handig overzicht

De nieuwste uitgave van het dossier geeft bij elk Voorbeeldproject een handig overzicht van de genomen milieumaatregelen op het gebied van de milieuthema's energie, water, materialen, binnenmilieu, afval en omgeving. Behalve dat het dossier in één oogopslag laat zien welke installaties aanwezig zijn en welke voorzieningen zijn aangebracht worden ook verscheidene projectgegevens opgenomen. De belangrijkste betrokken partijen worden genoemd, opleverdata worden gegeven en adresgegevens van de contactpersoon staan vermeld. Voor het vergroten van de kennis over duurzaam bouwen en om inzicht te krijgen in de meest recente ontwikkelingen op dit terrein, vormt het Dossier Voorbeeldprojecten een belangrijk naslagwerk.
De video geeft onder meer een korte uitleg van het programma. Daarnaast worden ook hier de zes milieuthema's nader belicht. Zo geven vertegenwoordigers van verschillende Voorbeeldprojecten een korte toelichting bij een van de thema's die in hun project een rol hebben gespeeld.
Het dossier telt 85 pagina's en kost fl.49,50. De videoband duurt 13 minuten en kost fl.25,-. Beide uitgaven zijn exclusief verzendkosten en BTW en te bestellen bij het Nationaal DuBo-Centrum. Voor meer informatie: 0900-2025040.

Handleiding vrije indeelbaarheid en gelijke rechten

De nieuwe bouwvoorschriften van 1992 worden in grote lijnen bekend verondersteld. Dat kan echter nog niet gezegd worden van alle toepassingsmogelijkheden die het Bouwbesluit biedt. Zo roepen de principes van 'vrije indeelbaarheid' en van 'gelijke rechten' nog veel vragen op. Daardoor komt de toepassing ervan nog onvoldoende uit de verf.
Op basis van een door TNO Bouw verrichtte studie naar de werking van beide principes heeft Stichting Bouwresearch (SBR) een handleiding samengesteld. Professioneel bij de bouw betrokkenen komen een flinke stap verder met deze duidelijke uitleg van de begrippen en bepalingen uit het Bouwbesluit en de NEN-normen en hun toepassing, waarbij de vele praktijkvoorbeelden verhelderend werken. Een overzicht van de huidige officiële documenten en de nodige brochures en andere kennisoverdrachtactiviteiten maakt deze handleiding compleet.
Met vrije indeelbaarheid heeft de eigenaar of de gebruiker van een gebouw meer keuzemogelijkheden gekregen bij het vormgeven en inrichten van een gebouw. De zogenaamde basiseisen en vangneteisen die het Bouwbesluit stelt, zorgen er voor dat het vergunningsvrij bouwen binnen een verblijfsgebied nagenoeg altijd mogelijk is, zonder dat dit in strijd met het nieuwbouwniveau komt. Dit betekent dat het verantwoord is om een gebouw, of het nu een woning of een utiliteitsgebouw is, pas verder in te delen of opnieuw in te delen, nadat de bouwvergunning is afgegeven. Sinds de herziene Woningwet en het Bouwbesluit is het nu niet meer nodig om na de bouwvergunning voor het casco nog eens terug te moeten naar de gemeente met een gedetailleerd indelingsvoorstel. De handleiding geeft precies aan wanneer het om dit vergunningsvrij bouwen gaat. Met andere woorden: wanneer er ongestoord met binnenwandjes mag worden geschoven. Vragen worden beantwoord als: wat houden de basiseisen en vangneteisen in, wat is een niet-ingrijpende wijziging en wat betekent die grotere keuzevrijheid bij de technische inrichting van een gebouw? Zo blijkt dat de toekomstige bewoners van een woningbouwproject meer invloed kunnen hebben op de indeling, omdat deze bij de verstrekking van de bouwvergunning niet vast hoeft te liggen. Praktijkvoorbeelden illustreren de antwoorden en een overzicht van alle aan vrije indeelbaarheid gerelateerde voorschriften zorgt ervoor dat de lezer het spoor niet bijster raakt.
Het principe van gelijke rechten gaat ervan uit dat als iemand iets wil bouwen, de buurman een identiek gebouw moet kunnen neerzetten. De Bouwbesluitvoorschriften zijn op dat punt zodanig opgesteld dat iemands bouwkundig handelen niet kan leiden tot een onaanvaardbare onveilige, ongezonde of energieverslindende situatie voor de eigenaar of gebruiker van een naburig bouwwerk. De technische kwaliteit van dat andere bouwwerk mag ook niet worden aangetast. Zo mag de achteraf gebouwde garage van de buurman geen invloed hebben op de equivalente daglichtoppervlakte van de naburige woning of mag de ventilatieafvoer van deze garage niet zorgen voor een ongezonde situatie bij de buren. Ook moeten de buren zo'n zelfde garage kunnen neerzetten onder dezelfde voorwaarden. Het bouwbesluit gaat met dit principe dus uit van 'gelijke monniken, gelijke kappen'. Dit principe is in een aantal voorschriften verwerkt die betrekking hebben op een brandgevaarlijk dak; beperking van branduitbreiding; ventilatie en doorspuiïng; verbrandingsluchttoevoer en rookafvoer; daglichttoetreding en de energieprestatie-coëfficiënt. De bijbehorende voorschriften staan overzichtelijk in een schema, waarbij uitleg wordt gegeven aan de hand van praktijkvoorbeelden.
Als men bij het lezen van de vele Bouwbesluitbegrippen door de bomen het bos niet meer ziet, biedt de uitleg van een tiental begrippen een goed inzicht in de toepassing van de regels. Zo worden begrippen als verblijfsgebied, gebruiksoppervlakte en gebouwfuncties helder beschreven aan de hand van definities, schematische overzichten en bouwtekeningen en is de stapsgewijze uitleg van het bepalen van de gebruiksoppervlakte voor bijvoorbeeld een ontwerper of toetser een flinke steun in de rug.

Nieuwe pan bij RBB: Cisar

RBB, de grootste dakpannenproducent van Nederland, bracht begin juni een nieuwe dakpan op de markt. RBB beschouwt de nieuwe dakpan als het topproduct binnen haar totale assortiment. Door de fijne oppervlaktestructuur van de toplaag en het hi-tech productieproces van de nieuwe dakpan kan gesproken worden van een innovatie. Deze innovatie luistert naar de naam Cisar.

Binnen de huidige dakpannenmarkt wordt een onderscheid gemaakt tussen de betonnen dakpannen en de keramische dakpannen. Beide soorten hebben hun eigen specifieke kwaliteiten. Een betonnen dakpan heeft als grote voordeel de maatvastheid en lage verwerkingskosten. Een keramische dakpan kenmerkt zich door een fraai uiterlijk en een langdurig kleurbehoud. Cisar overbrugt deze verschillen door de combinatie van een langdurig mooi voorkomen van keramische alternatieven en de onmiskenbare kwaliteiten van beton.
Dankzij de modulaire maatvoering is Cisar geschikt voor zowel nieuwbouw als renovatie. Voor de nieuwbouw biedt de dakpan in elke situatie een uitkomst. Bij renovatie kan Cisar dienen als volwaardige en uitstekend passende vervanger voor oude keramische dakpannen en betonnen dakpannen. Voor meer informatie: 0348-476511.

Milieuwinst bij verwerking IsoBouw dakelementen

Onder het motto "schone handen - schoon milieu" introduceert IsoBouw Systems uit Someren de Eco-naadafdichting voor haar sandwich dakelementen. Langsnaden kunnen worden afgedicht met Eco-band, dat na het monteren van de dakelementen wordt aangebracht met een simpele roller. Voor de nokafdichting is er een Eco-rol, die handmatig wordt bevestigd.
Met deze materialen op PE-basis wordt op milieuverantwoorde wijze een water- en winddichte afwerking van het dak gerealiseerd.
Voor de man op de bouw zijn 'schone handen', gemakkelijk en efficiënt aanbrengen prettige aspecten. Qua milieu is er dubbele winst: eerst bij de montage zonder materiaalverlies en zonder onnodige afval- en retourstromen. Later in de sloopfase, omdat de IsoBouw Eco-naadafdichting het scheiden van materialen dan een stuk gemakkelijker maakt. Zo wordt bijgedragen aan hoogwaardige recycling van zowel de naadafdichting zelf, als van de dakelementen.
IsoBouw is er toe overgegaan om de sandwich dakelementen uitsluitend nog op lengtespecificatie te leveren. Het betekent op de bouwplaats belangrijk minder zaagwerk én minder afval, terwijl door de afkorting op de productielijnen van IsoBouw het EPS-isolatiemateriaal direct herverwerkt wordt. Ook de plaatmaterialen en het hout gaan een circuit van herverwerking in.

Bijkomend voordeel

Bijkomend voordeel van levering op lengtespecificatie is, dat de elementen voorzien worden van een nokafschuining, zodat bij de nokconstructie minder afdichtingsmaterialen nodig zijn. Voor meer informatie: 0493-498111.

Lichtgewicht Stabipol

De lichtgewicht Stabipol plaat van Atlas Acomfa is volgens de producent een uitstekende vervanger voor de wat meer traditionele zware cementplaat. De Stabipol is te gebruiken voor zowel het professionele dakdekkersbedrijf als de particulier die de platen zelf wil monteren.
Door het lichte gewicht is de plaat voor iedereen makkelijk te hanteren en daardoor te monteren. Over het algemeen is er zelfs geen kraan nodig om de platen te monteren. En dankzij get lage gewicht kan de Stabipol, golfplaat met name goed gebruikt worden voor lagere lengtes, tot wel twaalf meter. Voor meer informatie 0252-419033.



Deze website wordt mede mogelijk gemaakt door:

Leveranciernaam