Roofing Holland 1996-07-10 Polyurethaanlijm als bevestigingsmiddel voor Polystyreen isolatieplaten in dakbedekkingconstructies

Meer dan 100 uitvoerders van dakbedekkingsbedrijven uit het gehele land hebben op uitnodiging in Gemert nader kennisgemaakt met de producten van Unidek. Bij de presentatie van het bedrijf zijn twee lezingen gehouden. De eerste lezing van A.F. van den Hout van Buro Dakadvies, behandelde de ontwikkeling van Dijkotop MC en VP-SC (zie RH 1996/4). De tweede lezing van ing. A.B. Berlee van T-Joint, behandelde de verkleving van Polystyreen met Polyurethaanlijm. Een verslag van die lezing.

PolyUrethaanlijm of PU-lijm moet, om een goed resultaat te verkrijgen, met kennis van zaken worden aangebracht. Om de verkleving met PU-lijm is inmiddels veel te doen geweest. De gebreken in de verlijming zijn vrijwel allemaal te herleiden op de uitvoer van het werk. Daarbij speelt ook de omgeving van de lijm en de omgevingstemperatuur een belangrijke rol. Een lijm met een gebruiksaanwijzing dus. Toch is de verlijming van Polystyreen met PU-lijm de betere lijmverbinding.

Waarom lijmen met PU-lijm?

In de jaren 80 werd de APP gemodificeerde dakbaan steeds populairder. Niet in de laatste plaats vanwege de applicatie van de dakbaan: middels de brandmethode. Het 'plakken' met hete bitumen van dakbanen is omslachtiger dan branden van dakbanen, zeker op kleinere daken. Alleen... middels de brandmethode kun je moeilijk isolatieplaten verkleven aan de ondergrond. En dat terwijl met de gietmethode de isolatieplaten wel verkleefd kunnen worden. De isolatieleveranciers gingen op zoek naar alternatieve verklevingsmiddelen om de dakdekker de kachel op het dak te besparen. Uiteraard zijn er, afhankelijk van het gekozen systeem, ook andere methoden om de dakbedekkingconstructie op z'n plaats te houden, maar kleven blijft in vele gevallen gewenst. Een goed alternatief leek de koude bitumineuze kleeflijm. De lijm is echter blijvend plastisch wat voordelen heeft maar ook nadelen naar later zou blijken. De werking van de verschillende lagen, in een dakbedekkingconstructie verkleefd met koude bitumineuze kleeflijm, doen polystyreen isolatieplaten 'wandelen' met alle gevolgen van dien.
Technisch is het wel mogelijk polystyreen met koude bitumineuze kleeflijm te verkleven maar dan met een aantal randvoorwaarden. Gezocht werd naar een kleefmiddel wat lijmt en de werking van zowel de ondergrond, als de isolatie, als de dakbedekking opvangt. Medio 1985/1986 bleek het antwoord PU-lijm. PU-lijm heeft een aantal eigenschappen die aansluiten op de eisen die gesteld moeten worden aan de lijm, te weten:

  • Blijvend elastisch;
    Een lijm moet blijvend elastisch zijn, omdat de werking, alleen al ten gevolge van thermische uitzettingen dag in dag uit, doet op den duur iedere stijve verbinding breken.
  • Op diverse ondergronden lijmt;
    De meest bekende ondergronden: staal, zink, aluminium, spaanplaat, bitumen, hout, beton, zand-cement, ongeveer een dertigtal in totaal. Allemaal met een verschillende oppervlaktestructuur en met specifieke eigenschappen.
  • Zeer sterke lijmverbinding;
    De lijmverbinding heeft een sterkte van 9 N/mm2. Dat spreekt pas echt als men zich realiseert dat een dot lijm van 3×3cm (=900 mm2) 9 × 900/9.8 kg sterk is en bij goede verlijming de verbinding bezwijkt bij een belasting van bijna een ton. Dat bereikt de lijm op het dak nimmer. Wat bezwijkt is de aanhechting van de isolatie.
  • Niet de isolatie of de ondergrond aantast;
    De meeste lijmen zijn samengesteld uit vaste delen opgelost in oplosmiddelen. De meeste van die oplosmiddelen werken in op o.a. polystyreen en bitumen.
  • Makkelijk te hanteren;
    Over het laatste lopen de meningen uiteen. Dat bleek met name na de stormen van 1990. Wanneer de isolatie niet goed met PU-lijm aan de ondergrond was verkleefd, bleek dat bijna altijd een fout in de uitvoering. Dus helemaal niet makkelijk te hanteren?

PU-lijm heeft een aantal eigenschappen die je met evenveel gemak zowel voordelig als nadelig kan noemen. Iemand die weet wat PU-lijm kan weet de voordelen te benutten. Iemand die dat niet weet staat te prutsen en het ergste is, dat het gepruts pas bij schade aan het licht komt.

PU-Lijm heeft een opschuimend karakter

Als iets een magische klank heeft gekregen bij de verkoop van PU-lijm dan is het wel het opschuimen geweest. Opschuimen, dat betekende dat PU-lijm gelijk stond met dat andere wondermiddel, de PU-schuim in spuitbus. Alles wat niet past 'deskundig' dicht 'Purren'. Dus de PU-lijm was een soort PU-schuim en de ondergrond maakt niet uit. Nee dus. Wat gebeurt er nu werkelijk. PU-lijm is een twee-componenten lijm. De leverancier levert slechts één component. De tweede component, we hebben het immers over twee componenten, is vocht. In aanraking met vocht en onder een min of meer vooraf te bepalen temperatuurbereik vindt er een chemische reactie plaats waarbij de vloeistof overgaat in een vaste stof. Bij die reactie komt kooldioxide ofwel CO2 vrij. Daar waar de lijm het eerst in contact komt met vocht, uit de lucht of uit het te verlijmen oppervlak, reageert die het eerst en gaat het over van vloeibaar naar stroperig naar uiteindelijk vaste stof. Als we een ril PU-lijm leggen dan is dat het eerst aan de buitenzijde. Er onstaat een 'huidje' over de verder nog vloeibare ril. Het CO2 gas kan nu niet meer zo makkelijk weg en er onstaat een druk in de ril die de lijmril doet zwellen. Afhankelijk van de samenstelling van de PU is dat meer of minder. Er onstaan door de gasvorming bellen gas in de lijm die, eenmaal uitgehard, de lijm een cellenstructuur geeft. Dit proces mag niet vergeleken worden met hoe PU-isolatieplaten worden gemaakt. Hoe meer en hoe groter de cellen, hoe zwakker de lijmverbinding. Erger nog, het ontstane huidje kleeft niet meer aan het te verlijmen oppervlak. Stel dat de lijm grote gaten moet vullen. De lijm vormt een huidje, zwelt op en tegen de tijd dat het gat is gevuld is de lijmhuid dermate stevig dat ze niet meer lijmt. En als het dan nog een beetje lijmt dan is de totale verbinding door de grote cellen veel zwakker. Bij de uitvoer moeten de platen dus op een redelijk vlakke ondergrond verwerkt worden om voldoende hechting te verkrijgen. Als maximum geldt 5 mm/m¹. Van belang bij stalen dakplaten die uitgetrapt kunnen zijn maar ook: lijmen op de cannelures en niet in het midden.

PU-lijm kleeft aan het oppervlak

Op vet kan niet gelijmd worden evenmin als op los zand. Van belang dus bij zand-cement afwerklagen, losse delen, vuil of modder, en stalen daken die vet kunnen zijn. Een voordeel is het wanneer de lijm nog vloeibaar is, de lijm beide oppervlakken te laten raken. In vaktermen 'benatten'. Dat kan bijvoorbeeld door na het aanbrengen even over de isolatieplaten te lopen. Continue loopverkeer moet echter worden voorkomen. Lijmverbindingen in wording worden dan weer stuk gemaakt. Belangrijk is ook dat de isolatieplaten stijf tegen elkaar aan komen te liggen. Niet alleen verbetert daardoor de isolatiewaarde van het gehele dak maar de platen kunnen na het aanbrengen minder makkelijk schuiven wat de lijmverbinding ten goede komt.

PU-lijm reageert binnen een bepaalde tijd en temperatuur

Hoe warmer het is, hoe sneller de reactie. Hoe lager de omgevingstemperatuur, hoe langzamer de reactie. We leven hier niet in de tropen en ook niet op de noordpool. De leveranciers hebben het bereik afgestemd op de verwerking in Nederland. Dat wil zeggen dat de dakdekker wat vooruit kan werken maar niet teveel en dat de lijm tijdig aanhecht om bij dagproductie de isolatie al voldoende stevig verlijmd te hebben. De gemiddelde temperatuur in Nederland ligt overdag zo rond de 15 graden Celsius. Onder de nul is vorstverlet, boven de dertig is tropenschema. Beide komen uiteraard voor. Onder de 5 graden reageert de lijm zo langzaam dat het verstandig is om tijdelijk ballast aan te brengen. Op warme dagen dus minder vooruit werken en meer direct isolatieplaten leggen.

PU-lijm in de uitvoering

Afsluitend een aantal punten van aandacht bij het werken op dak met PU-lijm. Bespreek op voorhand de voorwaarden van lijmen met PU-lijm om tot een goed eindresultaat te komen. Controleer voor aanvang van het werk:

  • de ondergrond,
  • de bestelde lijmhoeveelheid,
  • de aanwezige kennis bij de dakdekker.

De ondergrond niet te vet en voldoende vlak, schoon en niet te droog. Vers beton moet winddroog zijn. Er staat voor iedere ondergrond, hoogte en plaats een bepaalde lijmhoeveelheid. Unidek kent 2 typen lijm namelijk 1 voor het verlijmen van isolatie op staal en 1 voor het verlijmen op andere ondergronden dan staal. Zie erop toe dat de aangevoerde lijm 'vers' is. Een makkelijke controle is uitschenken en kijken of de lijm voldoende vloeit en niet te stroperig is. Instrueer de dakdekker hoe te lijmen. Niet met de 'slingermethode' maar streepsgewijs. De strepen van voldoende breedte door het juiste gat te boren en niet te snel te slepen. Alleen door het aantal strepen te tellen kan de lijmhoeveelheid worden gecontroleerd. Niet te veel vooruit werken en de logistiek afstemmen. Alleen PU-lijm met vakmanschap is een ijzersterk koppel!

Literatuur:

  • Ervaringen met PUR- daklijmen, ing. R. ter Stege, Roofing Holland nummer 8 1995.
  • Gecacheerde PS-dakisolatie is wel goed koud te kleven, ir. N.A. Hendriks, Bouwwereld 84- nr 23 (11 november 1988).
  • Verwerkingsvoorschriften PU-daklijmen, Unidek info 1994/1995.

     

door: ing. A.B. Berlee



Deze website wordt mede mogelijk gemaakt door:

Leveranciernaam