Roofs 2000-05-42 De slag om de prestatienorm is begonnen

Nederland was het eerste land binnen de Europese Gemeenschap dat met het Bouwbesluit de prestatie van een gebouw in regels probeerde vast te leggen. In het streven om tot een Europese regelgeving te komen, blijkt Nederland een voorsprong te hebben. Nu het er op aankomt, is het zaak dat de branche zich actief met de procedures gaat bemoeien, stelt Herm Brueren, Nederlands belangrijkste 'euro-dakdekker'.

De komende jaren moeten de diverse commissies zich buigen over de formulering van een groot aantal Europese normen. Zo moet de internationale afvaardiging zich onder meer gaan bezighouden met een normering voor de bouwfysica (bijvoorbeeld thermische isolatie - regendichtheid), normen voor de brandveiligheid, productnormen hellende daken, Structral Eurocodes en normen voor platte daken.
Volgens Herm Brueren, de Nederlandse vertegenwoordiger in diverse IFD-commissies, is de Nederlandse insteek daarbij om tot een normering te komen die uitgaat van de prestatie in plaats van de (minimale) eisen die aan afzonderlijke producten worden gesteld. Voor Europese begrippen is dit een betrekkelijk nieuw uitgangspunt. Nederland is binnen de Europese Unie het eerste land dat met het Bouwbesluit 1992, een prestatieconcept heeft geïmplementeerd. Andere Europese landen gaan nog steeds uit van beschrijvende normen.
De ontwikkeling in Nederland is niet onopgemerkt gebleven. Zo heeft Duitsland, een land dat min of meer zijn eigen DIN-normen heilig heeft verklaard, de NEN 6707 waarin de prestatie van de bevestiging van dakbedekkingen is vastgelegd, geheel overgenomen en heeft daarmee ook impliciet de waarde van het prestatieconcept onderkend.
Andere partijen binnen de Europese Gemeenschap kunnen minder enthousiasme opbrengen voor het Nederlands prestatieconcept. De kleine landen kunnen zich wel in de Nederlandse gedachtegang vinden. Duitsland, Engeland, Scandinavië zijn redelijk positief.

Frans verzet

Maar Frankrijk (i.c. een deel van de Franse industrie) is mordicus tegen. Volgens Brueren zijn de Fransen zo gekant tegen de mogelijke invoering van het prestatieconcept dat de procedures doelbewust worden getraineerd. Ze schrikken er niet voor terug kinderachtige middelen in te zetten. Zo staat Frankrijk erop dat binnen een bepaalde technische commissie Frans de voertaal wordt en dat terwijl slechts één van de twaalf leden Frans spreekt. Ook willen ze per se de voorzitter leveren en in Parijs vergaderen.
Nederland wil graag aan het prestatieconcept vasthouden omdat de branche ervan overtuigd is dat daarmee de aansprakelijkheid beter wordt geregeld. Met de huidige normering die grotendeels op productkwalificaties is gebaseerd zal ingeval van schade altijd de verwerker aansprakelijk worden gesteld. Met prestatienormen zal de tegenpartij - mits het werk door een proces gecertificeerd bedrijf is uitgevoerd - moeten aantonen dat het werk fout is uitgevoerd.
De branche zal een actievere rol moeten eisen in Europese Normering. "De slag om de prestatienormen is begonnen," stelt Herm Brueren. "Maar de verwerker moet zijn plaats aan de onderhandelingstafel nog veroveren. Alleen met prestatienormen kunnen de verantwoordelijkheden van de bij de bouw betrokken partijen goed worden afgebakend. Het is daarom zaak dat de dakdekkersbedrijven op nationaal niveau via hun branche met onder andere NNI en TNO gaan werken aan een stevige lobby richting Europa. Want een modern dakdekkersbedrijf houdt zich niet alleen meer bezig met pannen dekken."

 

door: Mari van Lieshout



Deze website wordt mede mogelijk gemaakt door:

Leveranciernaam