Roofs 2002-04-12 Een minimale dakrandhoogte

       

Het is in de regelgeving gelukt een maximale opstandhoogte door te voeren om iedere mindervalide probleemloos een gebouw te doen betreden. Dat is gelukt zonder dat er dodelijke ongevallen zijn voorgekomen of daar kans op heeft bestaan. Een wereldprestatie zo stelt Theo Wiekeraad. Invoering van een minimale dakrandhoogte zou in dat licht bezien toch niet zo moeilijk moeten zijn. Een pleidooi voor een structurele beveiliging van daken.

Dankzij het Bouwbesluit is er veel geregeld in bouwend Nederland maar niet alles. Hierdoor kunnen bij de bouw betrokken partijen nog vrijelijk aan de slag en veel van hun inventiviteit kwijt. De in het Bouwbesluit gestelde kwaliteitseisen ken ik gelukkig niet allemaal en ik wil ze ook niet kennen. Het aantal waar wij met grote regelmaat mee te maken krijgen is genoeg. Dat zijn de thermische weerstand van de constructie, de stormvastheid van de bedekking, de minimale dakrandhoogte en de maximale instaphoogte bij terrassen. Het verbaast mij dat er nog steeds sprake is van een maximale instaphoogte en slechts een minimale dakrandhoogte.

De maximale opstandhoogte moet zorgen voor een gebruiksvriendelijke entree, iedere mindervalide moet altijd en zonder problemen een gebouwdeel kunnen betreden. Zonder meer een nobel uitgangspunt dat onze slecht ter been zijnde medemens doet emanciperen. Wij, werknemers in de bouw, dagelijks blootgesteld aan valgevaar van grote hoogten, komen niet verder dan een minimale dakopstand om spatwater en overwaaiend dakgrind te voorkomen. Heel bewust spreek ik over werknemers en niet uitsluitend over dakdekkers. De tijd dat uitsluitende dakdekkers op een gebouw te maken hadden met valgevaar ligt al jaren achter ons. Steeds meer disciplines, zoals installateurs voor elektra, warmte- en koeltechniek communicatie en PV-installaties, vertoeven in meer en mindere mate op het dak. Tijdens de nieuwbouw is er oog voor het valgevaar. In dikke V&G-plannen worden de risico’s beschreven, de veilige werkvoorschriften vastgelegd en de veiligheidsmaatregelen omschreven. Aan de uitvoerenden wordt overgelaten zichzelf te beveiligen. Iedere aannemer moet daarbij veelal voor de veiligheid van het eigen personeel zorgdragen.

Door toenemend meervoudig dakgebruik van platte en lichthellende daken komen er voor onderhoud werknemers van voorgenoemde disciplines op daken. Het onderhoud van in de open lucht geplaatste installaties vergt nu eenmaal regulier onderhoud en veel van deze mensen zijn specialisten in hun vakgebied. Het is maar de vraag hoeveel van hen vertrouwd zijn met het vertoeven op het dak en de gevaren die daar bij horen. Ik vraag me dan ook hardop af: “Is het geen tijd om de minimale opstandhoogte voor dakranden van 120 mm boven de dakrandafwerking in bepaalde gevallen op te waarderen naar 800 mm?” Bij deze hoogte is de ontwikkelde maat van de rand ca. 1m¹ wat als veilig wordt beschouwd. Een structurele beveiliging dus. De volgende vraag is dan wanneer dakranden 800 mm hoog moeten zijn? Een discussiepunt net als de het aanbrengen van dakrandbeveiliging vanaf 2,5 m¹. Een voorzichtig voorbeeld van mijn zijde:

- Vanaf 10 m+ bij bedrijfshallen en dergelijke. Daken vanaf dit niveau zijn met ladders niet meer te bereiken dus waarom niet permanent beveiligen;
- Vanaf 12 m+ bij woning of utiliteitsbouw of 6 m+ bij lager gelegen dakvlakken. Boven de drie etages zijn liften verplicht dus waarom geen veilige daken;
- Alle gebogen daken boven 6 m+ die niet op eenvoudige wijze zijn te beveiligen vanaf het dak, dit om gebruikersonvriendelijkheid te voorkomen.

Dit zijn al klappen op tafel en niet geheel onlogisch opgebouwd, hoewel het laatste punt waarschijnlijk moeilijk te hanteren zal zijn. Met deze wil ik voorkomen dat een gebouweigenaar een kat in de zak koopt. Het is namelijk niet de eerste keer dat een mooi gebouw wordt neergezet waarbij onderhoud aan het dak onmogelijk is. De kosten van beveiligen bedragen bij onderhoud twee tot drie maal die van het uit te voeren werk.

Wat zijn de extra kosten voor een hogere dakrand afgezet tegen een gewone dakrand? Volgens de kostendeskundige die ik er op heb aangesproken komen de meerkosten op 115 tot 150 euro. Een respectabele kostenpost waarvan de opdrachtgever niets denkt terug te zien. En dat doet hij ook niet zolang de aannemers die op het dak werken voor het gebruik van veiligheidsmiddelen bijna niets doorberekenen. Hoe ik dat nu kan zeggen? Heel simpel, ik weet zeker dat er bijna geen dakdekker een flinke post materieelkosten in zijn offerte meeneemt. Wij doen het niet, en aangezien wij nog zat werken op prijs missen, veel van mijn collega’s ook niet. En waarom doen we het niet? Omdat we anders te duur zijn? Omdat we het nooit hebben gedaan? Ik weet het niet. Wat ik wel weet is dat een lullig steigertje van 9 m¹ hoog twee weken neerzetten € 500 kost. Wat ik ook weet is dat als we in een offerte voor het beveiligen van 500 m¹ dakrand € 2000 opnemen de inkoper vraagt of we wel goed bij ons hoofd zijn. Als we de werkelijke kosten voor dakrandbeveiliging niet doorberekenen, en anderen doen dat evenmin dan zullen uit kostenoogpunt in de nieuwbouw de dakranden in de ontwerpfase nooit een veilige hoogte krijgen. Al komen er 10 nieuwe versies van het A1-blad “veilig werken” uit waarin steeds weer netjes komt te staan dat in de ontwerpfase aandacht moet worden besteed aan veilig ontwerpen. Zonder opgelegde minimumeisen aan veilige dakrandhoogtes zal er in de ontwerpfase op dat gebied echt niets gebeuren. Ontwerpers kunnen bolle PVC-daken zonder dakranden blijven ontwerpen waarbij wij bij het aanvaarden van de opdracht zeggen dat we ze wel willen maken als tijdens de werkzaamheden de aannemer er voor zorgt dat de steiger op hoogte blijft. Ook zullen wij garantie op de bedekking geven maar dan wel exclusief de kosten voor de noodzakelijke beveiliging en veilige betreding van het dak. Deze uitsluiting werd, waar gebeurd, geaccepteerd door de aannemer.

We moeten niet vergeten dat we bouwen voor de toekomst en dat in de toekomst ook mensen op de daken moeten werken. De eisen voor veilig werken zijn de afgelopen tijden verscherpt en liggen bijna altijd bij de partij die de werkzaamheden moet uitvoeren. Een partij die in concurrentie moet werken en als gezegd soms levensgevaarlijke capriolen moeten uithalen om te kunnen beveiligen. Dat is toch niet meer van deze tijd en al helemaal niet van de komende tijd? Het is toch te gek dat er in de ontwerpfase nog steeds nauwelijks tot niet gedacht wordt hoe onderhoud aan het gebouw moet plaatshebben en hoe dit veilig kan gebeuren?
Ik ben van mening dat we deze discussie moeten starten. (drog)redenen om het niet te doen zijn er altijd zoals aantasting van ontwerpvrijheid en extra kosten. Kijk naar de maximale opstandhoogte bij terrassen. Die kosten ook een vermogen geredeneerd naar het dak. Ik zou willen dat iemand dit verhaal oppikt. De bouwbonden of Vebidak. Veilig bouwen moet nu maar vooral ook in de Toekomst.

Theo Wiekeraad,
Spuitco dakbedekkingen

 



Deze website wordt mede mogelijk gemaakt door:

Leveranciernaam