Roofs 2007-02-38 Kilometers meer roodwit lint

Hij dacht dat hij een tegel voelde, en viel vervolgens achterwaarts over de dakrand, acht meter naar beneden. Cees de Jongste kan het verhaal gelukkig nog navertellen. “Het kan iedereen overkomen,” vertelt hij. “Ik heb ruim dertig jaar ervaring op het dak. Maar een vergissing is zo gemaakt en dan lig je beneden.” Roofs sprak met hem over het ongeluk en de impact ervan.

 

De 15de september 2005 begon voor het dakdekkerteam van Spuitco uit Ridderkerk als een dag als alle andere. Een dag eerder was de KIWA-inspecteur nog op het dak geweest om in het kader van de VCA-certificering de veiligheidsmaatregelen te inspecteren. De maatregelen waren goedgekeurd, alleen moest nog even de zone waar niet werd gewerkt worden aangegeven met een roodwit lint. Dat was echter nog niet gebeurd toen Cees de Jongste die dag op het dak bijsprong. “Het was een groot plat dak (zo’n 4000 m²), dat bovendien was omringd door andere platte daken op dezelfde hoogte,” vertelt hij. “Als je op het dak stond, voelde dat als een zee van ruimte. Ik was net een half uurtje op dat dak aan de gang, en ik kende het dak dus nog niet goed. Ik had toen we met de smetlijn gingen lopen het idee dat ik nog wel tien meter door kon lopen. Ongemerkt liep ik achteruit de onveilige zone in. Mijn collega, die het zag gebeuren, had mij zien omkijken en dacht dat ik wel wist waar ik liep. Toen ik de dakrand voelde, dacht ik dat ik tegen een tegel aanliep. Dat is het laatste dat ik me herinner. Ik werd wakker van het geluid van de traumahelikopter.”

Achteraf gezien is hij precies goed terecht gekomen: op zijn rechterarm. “Ik schijn in een reflex nog een beweging naar voren te hebben gemaakt, vervolgens ben ik acht meter lager op de straat terecht gekomen, waar ook nog een stoeprandje lag. Mijn rechterarm heeft de klap opgevangen, en dat is mijn geluk geweest. De kans op een dwarslaesie of nog erger was aanzienlijk groter geweest als ik op mijn benen of plat op mijn rug of buik terecht was gekomen.” Zijn collega’s zagen het gebeuren en belden direct 112; maar om bij hem te komen moesten ze een heel eind om het pand lopen. Niet lang nadat ze bij de bewusteloze De Jongste waren aangekomen, was de traumahelikopter al ter plaatse. Snel daarna arriveerde ook de ziekenwagen, die gelukkig niet van ver hoefde te komen: het ongeluk gebeurde vlakbij het Erasmus Medisch Centrum.

 

Ernstige verwondingen
De verwondingen waren zeer ernstig. Zijn rechterarm was in feite helemaal kapot. Zijn ribben waren gebroken en daardoor waren ook zijn milt, lever en longen beschadigd. Ook zijn bekken was gebroken. Hij bracht een tijd door op de intensive care. “Aan de intensive care heb ik alleen hele wazige herinneringen, waarschijnlijk door alle morfine. Ik weet dat er bezoek was, maar in mijn geheugen was dat ’s nachts, terwijl het gewoon overdag was.” Na enkele weken in het ziekenhuis mocht hij naar huis om daar verder te revalideren.

“Het toeval wilde dat het ongeluk gebeurde zes weken voordat ik met de VUT zou gaan,” vertelt De Jongste. “Dat was een ander geluk bij een ongeluk. Ik kon daardoor in mijn eigen tempo revalideren, zonder de druk dat ik eigenlijk weer aan het werk zou moeten. Het herstel verliep eigenlijk heel voorspoedig. Omdat de meeste verwondingen enkel door rust konden herstellen, en omdat ik was gedwongen die rust ook te nemen, juist omdat het meerdere verwondingen betrof, ben ik relatief snel weer hersteld. Ik ben ook altijd heel gezond geweest en zuinig op mijn lichaam, dat heeft het herstelproces ook geen kwaad gedaan.”

Nu, bijna anderhalf jaar later, is De Jongste echter nog niet voor de volle 100% hersteld. “Ik ben heel blij dat ik weer kan lopen, zodat ik me vrij in huis kan bewegen, af en toe een wandelingetje kan maken of bijvoorbeeld bij de zaak langs kan gaan. Pijnstillers slik ik niet. Wel heb ik nog twee keer in de week fysiotherapie nodig om mijn rechterhand weer te kunnen gebruiken. Mijn hele rechterarm en –hand moest met behulp van stalen pinnen en schroeven weer, zeg maar, in elkaar gezet worden. Ik kan nu al wel mijn vingers buigen, maar verder kan ik er niets mee: ik kan niets vasthouden en nergens in knijpen. Dat is lastig, omdat ik rechtshandig ben. Bij alles dat je doet, ben je geneigd je rechterhand te gebruiken; even snel een notitie maken is er niet bij. En bijvoorbeeld het dekken van de tafel wordt een tijdrovende bezigheid, omdat ik telkens heen en weer moet lopen.”

“Ik had me mijn VUT natuurlijk wel iets anders voorgesteld, ik had het leuk gevonden om hier en daar wat te kunnen klussen en op deze manier een beetje actief te blijven. Dat is er nu niet bij. Maar mij hoor je niet klagen hoor. Nog steeds is de dag zo voorbij en geniet ik er met volle teugen van. Als daar bij hoort dat mijn rechterarm pijnlijk is en dat ik hem minder goed kan gebruiken, dan neem ik dat maar op de koop toe.”

 

Vissen
Psychische problemen heeft hij er niet aan overgehouden. “Ik slaap prima. En ik woon op de achtste verdieping maar ik heb ook geen enkele last van de hoogte. Het lijkt er misschien een beetje op dat ik een ijskonijn ben, maar je moet niet vergeten dat ik geen enkele herinnering aan de gebeurtenis heb. Voor mijn collega’s, die me hebben zien vallen en die me op de straat hebben zien liggen, moet het veel lastiger zijn geweest om het ongeluk te verwerken. Zelf ben ik gewoon heel blij dat ik het ongeluk heb overleefd en dat mijn letsel beperkt is gebleven.”

Cees de Jongste gaat nog regelmatig koffie drinken bij zijn oude werkgever. Bij zijn afscheid, dat noodgedwongen enkele maanden later plaatsvond, kreeg hij een bronzen standbeeld van een mannetje dat zijn pet afneemt. “Petje af voor wat jij de afgelopen dertig jaar voor het bedrijf hebt gedaan.” Hij probeert het vak nog wel zoveel mogelijk bij te houden. Maar ook geniet hij van zijn verdiende rust. Komende zomer gaat hij voor het eerst weer proberen te vissen en verder brengt hij zoveel mogelijk tijd door met zijn dierbaren.

 

Extra veiligheidsmaatregelen
Na het ongeval heeft Spuitco de veiligheidsmaatregelen op het dak nog verder aangescherpt. Desgevraagd vertelt directeur Theo Wiekeraad: “Er gaan nu kilometers meer roodwit lint doorheen om elk gevaar uit te sluiten. De jongens op het dak konden niet geloven dat het dak onvoldoende beveiligd was. De werkplek was in principe ook voldoende beveiligd met hekwerken, probleem was echter dat de onveilige zone onvoldoende was gemarkeerd. Cees is zo’n 30 meter de onveilige zone in gelopen en over de rand gevallen. Na het ongeval leek er een soort van  bedrijfsblindheid onder de jongens te heersen, want geen van de aanwezigen  had het gevoel dat het voorkomen had kunnen worden-  ook niet door een betere afzetting van  linten. Dit verontrustte de inspecteur van de Arbeidsinspectie nog het meest. Uiteraard wordt je als werkgever verweten het project onvoldoende te hebben beveiligd, want als het hele dak rondom in de beveiliging gestaan, dan had het ongeval niet kunnen gebeuren. Het definitieve boetebedrag is inmiddels dan ook vastgesteld. Verder is het ongeval een harde les voor de gehele organisatie geweest en zijn we nu nog meer bedacht op de risico’s en proberen we de gevaren op het dak zoveel mogelijk uit te sluiten.”

Wilt u deze tekst in opgemaakte vorm lezen met foto's, klik dan deze link aan, dan ontvangt u de tekst in een PDF bestand.

 



Deze website wordt mede mogelijk gemaakt door:

Leveranciernaam