Roofs 2007-06-03 Het zit wel eens mee, het zit wel eens tegen

Wie kan dat beter weten dan een Feyenoord supporter. Ook toen alles nog goed leek te gaan, kon het op het laatst nog fout kon lopen. Sinds mensheugenis zitten we iedere wedstrijd tot het laatst met dichtgeknepen billen, want pas als de buit zeker binnen is, kan er worden ontspannen. Niet voor niets zeggen wij zelf dat Feyenoord supporters de sterkste sluitspieren van Nederland hebben. “Wat heeft dit alles met daken te maken?” zal u denken. Niets, helemaal niets moet ik bekennen. Maar het is een waarheid als een koe: “Het zit wel eens mee, het zit wel eens tegen”.

Laatst werd ik door een relatie bij een dak geroepen. Een zeer jong dak, dat wij helaas niet in opdracht hadden gekregen. “Je moet komen kijken,” had hij mij gesommeerd, “het gaat hier niet goed.” Inderdaad ging het daar niet goed. Binnen een half jaar stond zeker 25% van de kopse naden open en waren velen tot meer dan 10 mm teruggetrokken. Nog nooit had ik zoiets gezien bij een tweelaags mechanisch bevestigd daksysteem op steenwol. “Wat is hier aan de hand?” Ik wist het niet.

Op zich lag het dak er goed bij. Natuurlijk konden er opmerkingen gemaakt worden over de baanindeling. De kopse naden versprongen niet altijd voldoende. Maar daar lag het probleem niet. Ik was dan ook niet van plan te zeggen dat de dakdekker had lopen prutsen. Collega’s afzeiken is niet mijn stijl. De leverancier wilde wel stroken over de kopse naden aanbrengen, dat was voldoende volgens hem. Maar een splinternieuw lapjesdak, dat had mijn opdrachtgever niet gekocht. Dat accepteerde hij niet.

Wat was de oorzaak? Was er wel een 470K14 gebruikt? Een stabiele baan mechanisch bevestigd kan toch nooit dit beeld vertonen? Twee dakbedekkingmonsters werden er  genomen. Deze werden onherkenbaar gemaakt en vervolgens werd een toplaboratorium gevraagd de inlage te bepalen. Tegen een redelijke vergoeding was dit geen probleem, liet men ons weten. De uitslag die na een paar weken binnen kwam deed ons glimlachen. Volgens het lab was een polyester inlage toegepast.

De gebouweigenaar stond dan ook in de startblokken om zijn advocaat opdracht te geven de aannemer aan te pakken. Even bellen en vragen of ze in het rapport willen zetten dat er een 460K14 was toegepast. Binnen een half uur werd mijn relatie teruggebeld. Plotseling waren er sporen van glasvlies gevonden. Sporen van glasvlies in combinatie met polyester inlage is een “470”. Binnen 48 uur had de gebouweigenaar een herschreven rapport. Sorry, een foutje gemaakt in uw nadeel, maar of u de rekening wel wil betalen. “Het zit wel eens mee, het zit wel eens tegen”.

Onze opdrachtgever wilde het daar niet bij laten., al moest de onderste steen boven komen. Hij wilde een goed dak. Ik stelde voor een onafhankelijke adviseur in te roepen. Iemand met meer autoriteit. Want als puntje bij paaltje komt ben ik toch maar een dakdekker die over een ander zijn werk en producten die wij niet voeren loopt te oordelen. De adviseur nam de toestand op, maakte zijn insnijdingen en liet monsters uit de overlap nemen. Deze monsters werden via een andere grote speler in de adviesmarkt bij hetzelfde laboratorium aangeboden.

Deze keer wilden we echt alles weten van het monster: de toegepaste materialen, voldeden ze aan de normen, de kwaliteit van de overlap etc.. Het leek wel “U vraagt en wij draaien”. Na enige weken kwam het rapport van het lab. Van alles en nog wat voldeed aan de eisen gesteld in de CTG. Maar hoe kan dat nu? Als het product aan het CTG voldoet, waarom ligt er dan zo’n waardeloos dak? Waarom staan de naden dan open? Ook hier werd een antwoord op gegeven. Uit onderzoek was gebleken dat de onderlaag uit een geblazen bitumen bestond. Schijnverkleving tussen APP en geblazen bitumen kon wel eens de oorzaak zijn van dit structurele probleem. Conclusie: materiaaltoepassing niet volgens bestek en contract. “Het zit wel eens mee,” dacht mijn opdrachtgever.

De leverancier nam hier echter geen genoegen mee, hij had aangegeven geen geblazen bitumen onderlagen te leveren. Ook hij nam monsters van het al op kosten van de eigenaresse van een nieuwe toplaag voorziene dak, de winter was in aantocht en lekkages waren schering en inslag. Nu trof het lab met een speciale distillatiemethode, u raadt het al, sporen van APP in de onderlaag aan. Hoeveel sporen werd niet vermeld. “Het zit wel eens mee, het zit wel eens tegen.” Het laatste woord is hierover nog niet gezegd.

Theo Wiekeraad

     
P.S. Ik heb geen namen genoemd, omdat het niet mijn bedoeling is iemand of welke organisatie dan ook te beschadigen. Maar ik kan mij er mateloos aan ergeren als een fabriek of leverancier niet zijn verantwoordelijkheid neemt en een eindgebruiker niet geeft waar hij meer dan voldoende voor heeft betaald. In dit geval een goed nieuw dak en niet een lapjesdeken, dat toch waterdicht is.

Als deze man een nieuwe Porsche koopt en de verf laat binnen een half jaar los neemt hij ook geen genoegen met hier en daar een likje verf. Ook niet als de verkoper zegt dat zijn auto nog net zo goed accelereert als voorheen en dat was toch de bedoeling van deze snelle bolide.

 

 



Deze website wordt mede mogelijk gemaakt door:

Leveranciernaam