Roofs 2009-08-06 Doorbrekingen in metalen ‘koud’dakbeplating

Stilstaand water op ‘koud’dakbeplating kan funest zijn. In dit artikel zet Otto Kettlitz de verschillende methoden uiteen hoe men het water op een zekere, en esthetisch fraaie, manier langs opstanden van het dak kan voeren - zodat corrosie en lekkage voorkomen kunnen worden.

Otto Kettlitz,
Kettlitz Gevel- en Dakadvies BV

 

Bij platte, maar ook bij hellende daken worden geprofileerde staalplaten toegepast als dragende ondergrond. Bij platte daken bestaat de verdere dakopbouw meestal uit een dampremmende laag, isolatie en dakbedekking; bij hellende daken eveneens uit de eerste twee genoemde materialen maar dan met als bovenste laag vaak een schubvormige afwerking. Bij deze toepassing als dragende ondergrond spreekt men van warmdakbeplating.

Als de geprofileerde staalplaten (of aluminiumplaten) als schubvormige afwerking en dus als waterdichte laag wordt toegepast, spreekt men daarentegen over ‘koud’dakbeplating. Hierbij staat het woord ‘koud’ tussen aanhalingstekens omdat er op basis van de bouwfysische definities alleen sprake is van een koud-dak als er onder deze afwerking een met buitenlucht geventileerde spouw aanwezig is, iets dat bij een metalen dakafwerking lang niet altijd het geval is. Toch wordt in dit artikel consequent gesproken over ‘koud’dakbeplating omdat dit een ingeburgerd begrip is.

 

Toepassing
‘Koud’dakbeplating wordt toegepast vanaf dakhellingen van minimaal 5° (uitgezonderd speciale plaattypes en toepassingen). Essentieel hierbij is dat nimmer van bovenaf afstromend water op enige wijze of plaats wordt geblokkeerd. Dit geldt ook bij de toepassing van doorbrekingen t.b.v. bijvoorbeeld ventilatie-units of lichtkoepels. Dit betekent dat bij het volledig afsluiten van één of meer profieldalen door de opstand van een doorbreking, water in deze dalen altijd op één of andere wijze om de opstand heen gevoerd moet worden - of dat er voor moet worden gezorgd dat in deze dalen geen water kan komen.
 
Kleine doorbrekingen kunnen worden gemaakt m.b.v. prefab-elementen, zoals bijv. met een rubberen manchette. Deze dienen uitsluitend te worden toegepast als (regen)water langs beide zijden van deze opstandafwerking kan worden afgevoerd en het risico van staand water niet aanwezig is. Dit laatste leidt namelijk op den duur altijd tot lekkages en corrosie.

Bij doorbrekingen die één of meerdere plaatdalen volledig afsluiten, zal dus voor een andere oplossing gekozen dienen te worden.
Dit betreft de volgende opties:
    Afdekken van de geblokkeerde dalen met een vlakke plaat;
    Toepassen van een pasplaat met dichtgezette profielkoppen;
    (Verholen) gootconstructie.

 

Afdekken van de geblokkeerde dalen met een vlakke plaat
Deze vlakke plaat ligt over de geblokkeerde dalen en rust op de plaattoppen. De langszijden zijn hierbij omgezet zodat de langsaansluiting als een standaard langsoverlap kan worden uitgevoerd met afdichtingsband en langsoverlapbevestigingen. Aan zijn bovenzijde eindigt de plaat onder de nok(dak)kap. Dit is noodzakelijk om ter plaatse een tegen-naad te voorkomen (tegennaden leiden op den duur altijd tot lekkages, hoe goed men deze ook afdicht met band of kit). Aan de onderzijde, voorbij de doorbreking, sluit de plaat aan op de ‘koud’dakbeplating met standaard (afgekitte) vulstroken. De opstand van de doorbreking sluit waterdicht aan op de vlakke plaat en op de doorbreking.

Deze oplossing is relatief simpel in het werk te realiseren. Ook geeft deze oplossing een grote mate van flexibiliteit m.b.t. de keuze van de locatie van de doorbreking. Deze behoeft niet vooraf al exact bekend te zijn. Echter, als de doorbreking zich relatief ver van de nok bevindt, maakt het de toepassing van lange, afdekkende plaatelementen noodzakelijk. Dit kan in enige mate ontsierend werken. Dit is mede afhankelijk van de zichtbaarheid (dakhelling!) en de functie van het gebouw.

 

Toepassen van een pasplaat met dichtgezette profielkoppen
Op maat gemaakte prefabelementen die rondom de doorbreking aansluiten op de profilering van de toegepaste ‘koud’dakplaten, waarbij de kopse zijden zijn dichtgezet (zowel aan de onder- als aan de bovenzijde van de doorbreking) zijn een relatief dure, maar zowel technisch als esthetisch gezien goede optie. Zowel aan de nok-, goot- als langszijden worden hierbij ‘standaard’ overlappen gecreëerd. Om de koppen van de profilering af te dichten, en om een waterdichte aansluiting op de opstand te verkrijgen, zal er gewoonlijk gelast dienen te worden. Dit maakt verzinkt staal als materiaal voor deze elementen minder geschikt (o.a. i.v.m. de aanwezigheid van dit zink). Gewoonlijk worden deze daarom vervaardigd uit aluminium.

Naast het feit dat het hierbij een relatief dure oplossing betreft, is ook de flexibiliteit beperkt. Van te voren zal exact bekend dienen te zijn waar de doorbrekingen gesitueerd zullen worden.

 

(Verholen) gootconstructie
Deze constructie bestaat uit een goot langs de bovenzijde van de opstand. De platen boven de betreffende doorbreking eindigen op deze goot en lozen het afstromende regenwater hierin. Deze goot op zijn beurt loost zijn water op de beide langsgoten aan weerszijde van de doorbreking. Als deze laatste goten vervolgens onder de ‘koud’dakbeplating doorlopen tot aan de dakrand, spreekt men van verholen goten. In de gordingen, waaraan de genoemde beplating is bevestigd, dienen dan ter plaatse wel sparingen te worden aangebracht.
Bij steilere daken is het ook mogelijk om de langsgoten een kleinere helling te geven dan de dakhelling. Op deze wijze wordt het water in de goot op het watervoerend niveau van de dakbeplating gebracht en kunnen zij hun water dus hierop lozen. Een verholen constructie is dan niet nodig.

Het in het werk fabriceren van een op elkaar aansluitende, al of niet verholen, gootsysteem leidt op den duur (bijna) altijd tot lekkages tenzij aansluitingen zijn gelast. Aansluitingen op basis van kit of band bieden op den duur onvoldoende zekerheid.

 

Ondersteuning
Om doorbuiging (extra risico op lekkage) van de ‘koud’dakplaten rondom een doorbreking te voorkomen dienen er ter plaatse zowel aan de nok- als aan de gootzijde (omega)profielen te worden geplaatst. Verder is het aan te bevelen ter plaatse harde isolatie toe te passen. Bestaat de dakisolatie bijvoorbeeld uit glaswol, dan is het aan te bevelen om aan boven- en onderzijde van de doorbreking over een breedte van minimaal 1 m (bijv.) deze isolatie ter vervangen door een harde persing steenwol.

 

Literatuur
    Kwaliteitsrichtlijn metalen gevels en daken 2003 - technische richtlijn, Metaalunie, Nieuwegein, 2003
    Dictaat Cursus Metalen Gevels en Daken-Theorie, Kettlitz Gevel- en Dakadviezen BV, Rijswijk
    Dictaat Cursus Metalen Gevels en Daken-Praktijk, Kettlitz Gevel- en Dakadviezen BV, Rijswijk

Wilt u deze tekst in opgemaakte vorm lezen met foto's, klik dan deze link aan, dan ontvangt u de tekst in een PDF bestand



Deze website wordt mede mogelijk gemaakt door:

Leveranciernaam