Roofs 2011-06-14 Dakveiligheid? Gebruik je gezond verstand!

“Waarom brengt u dakveiligheid aan? Is dat primair om levens te redden, of om aansprakelijkheid te voorkomen? En: hoe organiseert u veiligheid op het dak dan? Is de gekozen oplossing wel daadwerkelijk de veiligste?” Con van Meer van Stichting Veilig Dak houdt een pleidooi voor het gezond verstand.

Stichting Veilig Dak uit Breda opereert sinds 2007 als onafhankelijke stichting die zonder winstoogmerk verschillende partijen - woningcorporaties, gemeenten, grote bedrijven, maar voornamelijk gebouweigenaren – bijstaat om te komen tot een veilig dak. De stichting heeft momenteel een team van 12 veiligheidskundigen actief dat adviseert bij het maken van een RI&E en begeleidt bij het kiezen en aanbrengen van een veiligheidssysteem. Na het aanbrengen voert men een audit uit om te beoordelen of de voorzieningen inderdaad volgens de regelgeving en de tekeningen zijn geplaatst. Indien dit het geval is, geeft men het keurmerk Veilig Dak af. Tevens verzorgt de stichting op regelmatige basis seminars om de kennis over dakveiligheid verder te verspreiden. De stichting werkt op dit gebied nauw samen met Human Nova uit Tilburg, een opleidings- en trainingsinstituut op het gebied van arbeidsomstandigheden.

Economische motieven

“Dakveiligheid is voor veel partijen inmiddels een belangrijk item,” zegt Con van Meer, voorzitter van Stichting Veilig Dak. “Maar ik denk dat het goed zou zijn als partijen bij zichzelf te rade gaan en zich afvragen of ze wel echt eerlijk zijn ten opzichte van zichzelf. Maakt men werk van veiligheid om te voorkomen dat er mensen van het dak vallen, of om te voorkomen dat men aansprakelijk kan worden gesteld als er mensen van het dak vallen? Het verschil is wezenlijk. Wij komen regelmatig op daken waar wel veiligheidsvoorzieningen zijn aangebracht, maar waarbij onvoldoende is nagedacht of wel is gekozen voor de meest veilige oplossing.”

Door de veelheid aan (vaak tegenstrijdige) informatie zien opdrachtgevers dikwijls door de bomen het bos niet meer. Daar komt bij dat veelal primair vanuit het economisch belang aan veiligheid wordt gedaan. De insteek moet zijn dat valongevallen worden voorkomen, dus: levens redden. Er zijn volgens Van Meer voorbeelden te over van situaties waarbij de veiligheidsvoorziening uiteindelijk niet zo veilig is als hij lijkt. “Ankerpunten die te dicht bij de rand staan, waarbij geen rekening is gehouden met obstakels langs de gevel, of de pendulewerking, etc. Dan heb je dus schijnveiligheid, en dat is nog veel gevaarlijker dan wanneer men onbeveiligd het dak betreedt. Ook zijn er in Nederland nogal wat partijen in de markt actief die zonder de nodige kennis valbeveiliging aanbieden. Dit zijn zorgelijke ontwikkelingen.”

Gezond verstand

“Bij de inrichting van veiligheid op het dak is het gezond verstand het allerbelangrijkst. Vraag uzelf – desnoods even los van de regelgeving - af: wat is er nodig om personen veilig op het dak hun werk te laten doen? Dikwijls zijn de meest eenvoudige, de meest basic oplossingen de beste. Bij de beantwoording van die vraag moet natuurlijk rekening worden gehouden met de vraag: hoe vaak moeten er mensen op het dak zijn, en welke handelingen moeten ze daar verrichten? Hier dienen de maatregelen op te worden afgestemd.”

Bij de inrichting van een veilig dak dient men ook rekening te houden met de vraag hoe men een persoon, als die eenmaal gevallen is, snel weer terug op het dak of op het maaiveld krijgt. Zoals bekend raakt de bloedsomloop zodanig bekneld als je in een harnas aan een lijn hangt, dat je binnen een kwartier alsnog kan overlijden. En de persoon is niet eenvoudigweg met de hand weer terug naar boven te tillen. Om dit goed aan te pakken is een training ‘on the job (dak)’ noodzakelijk.”

Er zijn ook situaties denkbaar dat het beter is in het geheel geen veiligheidsvoorzieningen op het dak aan te brengen. Nog steeds is er veel onduidelijkheid over waar de verantwoordelijkheden liggen. “De werkgever is verantwoordelijk voor de veiligheid van zijn personeel. Een gebouweigenaar is dan ook niet verplicht veiligheidsmaatregelen op zijn dak te treffen. Maar bij ongelukken kan hij wel aansprakelijk gesteld worden, omdat de onveilige situatie zich op zijn dak voordeed. Hij dient zich er dus wel degelijk rekenschap van te geven of zijn dak veilig door derden is te betreden. Op daken waar zelden werkzaamheden worden verricht, kan het misschien beter zijn helemaal geen voorzieningen aan te brengen. Als er dan toch dakdekkers het dak op moeten,  kunnen deze beter zelf een tijdelijke randbeveiliging neerzetten. Maar het wordt al lastiger als er meerdere partijen op het dak moeten zijn, zoals installateurs. Dan kan men beter een permanente, collectieve voorziening plaatsen. Dit is goedkoper dan telkens als het dak betreden moet worden opnieuw een tijdelijke beveiliging te plaatsen.”

Ontwerp

Alle partijen in de bouwketen dienen hun prioriteiten juist te stellen. Het belangrijkste is dat er geen mensen van het dak vallen. Daarna komt de rest. Dat geldt voor de dakdekker, de hoofdaannemer, de gebouweigenaar en de architect. “Veiligheid begint bij het ontwerp,” aldus Van Meer. “Als de architect in zijn ontwerp rekening houdt met dakveiligheid dan is het hele onderwerp opgelost. Een hogere borstwering of een permanent hek langs de dakrand, en we zijn van de problemen af. Helaas is dat nog steeds maar zelden het geval. Onze ervaring is dat architecten eigenlijk maar zelden over dakveiligheid nadenken. Het onderwerp moet daarom voortdurend onder de aandacht worden gebracht, er moet bij alle partijen in de bouwketen bewustwording worden gekweekt.”

Dat er in de dagelijkse praktijk nogal eens wat andere belangen spelen, blijkt wel uit het verhaal dat Stichting Veilig Dak tijdens haar seminars vertelt over de veiligheidsmedewerker die zijn baas en diens opdrachtgever van de bouwplaats stuurde omdat ze geen veiligheidsschoenen droegen. Hij werd op staande voet ontslagen. Na enkele slepende procedures is hij weer terug in dienst genomen, maar het voorbeeld is sprekend voor de manier waarop er nog steeds vaak met veiligheid wordt omgegaan.

Van Meer besluit: “Veiligheid is geen verplicht nummertje. Het is een wezenlijk onderdeel van het bouwproces dat ertoe dient levens te redden.”

 

 Wilt u deze tekst in opgemaakte vorm lezen met foto's, klik dan deze link aan, dan ontvangt u de tekst in een PDF bestand



Deze website wordt mede mogelijk gemaakt door:

Leveranciernaam

Inschrijven nieuwsbrief