Roofs 2011-11-23 Ontwikkelingen in het zink

De zinkwereld heeft de afgelopen periode diverse ontwikkelingen doorgemaakt. In een gesprek met Henk Ruitenberg, voorzitter van de Zinkmeesters, neemt Roofs de ontwikkelingen onder de loep.

“Onlangs toonde wetenschappelijk onderzoek aan dat de emissies van de bouwmetalen lood, koper en zink niet schadelijk zijn voor het milieu,” aldus Ruitenberg. “Daarmee is een langlopende discussie eindelijk afgerond. De claim dat deze metalen schadelijk zijn is niet gebaseerd op wetenschappelijk onderzoek. Er is ook nooit een verbod geweest op de toepassing van deze metalen, maar er werd wel voldoende twijfel gezaaid om het imago en de toepassing van deze bouwmetalen te schaden. Feiten en fictie dienen wel gescheiden te blijven.”

Onder ‘fictie’ schaart Ruitenberg de beweringen dat zink en koper ‘zware’ metalen zijn (want het zijn ‘essentiële’ metalen voor alles wat leeft); dat bouwmetalen een grote bron van emissies zijn (volgens Ruitenberg is minder dan 10% van de emissies afkomstig uit de bouw); dat de hoeveelheid koper en zink in het milieu de normen ver overschrijden (dit is nooit bewezen); en dat dit een risico vormt voor het milieu en de gezondheid (volgens internationaal onderzoek vormen koper en zink in de concentraties waarin ze zich op dit moment voordoen geen risico).

Monumentenzorg

Vorig jaar werd de URL/BRL 5212 ‘Aanbrengen van zinken en/of koperen dak-, gevel- en gootconstructies’ van kracht, die volgens Ruitenberg een verbetering van de bouwpraktijk met zich meebrengt. “Met name bij verwerking op monumentale panden is het belangrijk dat de verwerker het KOMO-certificaat kan overleggen. Onlangs kondigde De Stichting Erkenningsregelingen Restauratie en Monumentenbehoud (ERM) aan dat het beleid rond monumentenzorg wordt gemoderniseerd. De uitvoer en kwaliteit van restauratie van monumenten zal worden gewaarborgd en waar nodig verbeterd; met name door te komen tot duidelijke en breed gedragen kwaliteitsnormen. Gekwalificeerde marktpartijen zouden zich aan deze kwaliteitsnormen moeten verbinden en opdrachtverlening zou uitsluitend plaats moeten vinden op basis van een volledig en gedetailleerd plan. De ontwerp- en uitvoeringsrichtlijnen voor zinken en/of koperen dak-, gevel- en gootconstructies (2009) kan hiertoe als voorbeeld dienen.”

‘Duurzame’ onderconstructies

Tijdens een symposium dat de Zinkmeesters onlangs organiseerde in museum Boijmans van Beuningen in Rotterdam hield hoogleraar ‘Technology of the Building Envelope’ aan de TU Eindhoven Chris Geurts een betoog dat de normering op het gebied van zinken en koperen daken nog niet compleet is. Geurts houdt zich met name bezig met de veiligheid van constructies, bouwfysische aspecten en het levensduurgericht bouwen en onderhouden van gebouwen – waar dus ook materiaalgebruik bij hoort, hergebruik van afval, energiedoelstellingen, etc. Wat betreft zinken en koperen daken en gevels signaleerde Geurts dat hier geen NEN-norm voor bestaat. “We doen dus eigenlijk maar wat,” stelde hij. “Veel gaat goed, maar veel gaat ook fout.” Het resultaat hangt vaak af van de kwaliteit van het onderdak. Geurts gaf verder aan dat de klangen vaak de zwakke schakel zijn.

Ruitenberg: “Om hier verbetering in te brengen, hebben de Zinkmeesters in samenwerking met TNO Delft windproeven uitgevoerd, waar vervolgens regels en richtlijnen uit zijn voortgevloeid die zijn opgenomen in de BRL/URL. Geurts gaf bovendien aan dat veel problemen kunnen worden voorkomen als de kwaliteit in één hand wordt gehouden, waarbij het gehele dakpakket geïntegreerd wordt benaderd. Hier sluiten de Zinkmeesters zich bij aan.”

De discussie over de toepassing van zink, koper en lood in de bouw lijkt achter de rug; nu is het zaak de kwaliteit van de toepassing van deze metalen te waarborgen. Het werken met gecertificeerde zinkbedrijven verdient daarom aanbeveling.

 Wilt u deze tekst in opgemaakte vorm lezen met foto's, klik dan deze link aan, dan ontvangt u de tekst in een PDF bestand



Deze website wordt mede mogelijk gemaakt door:

Leveranciernaam