Roofs 2012-03-06 Overmacht of een uitvoeringsfout?

Dit is artikel nummer 10 van een artikelenserie, waarin de werkmethode van de dakingenieur bij veel voorkomende dakvraagstukken wordt belicht. Het volledige traject van inspectie, analyse, conclusies en advisering wordt besproken. In de artikelenreeks wordt, ter lering en vermaak, steeds gekozen voor actuele en/of informatieve dakvraagstukken.

Ing. J.M. Bruins, DGI Dak & Gevel Ingenieurs BV

Als er vrij snel na de oplevering een lekkage ontstaat, wordt bij de dakopname door de gebouweigenaar schade aan de nieuwe, mechanisch bevestigde EPDM dakbedekking vastgesteld. Nader onderzoek bepaalt dat de schade in eerste aanleg dakbedekkingstechnisch van aard is. De schade omvat een ‘partieel’, voornamelijk in de randzone, van de onderconstructie losgeraakte dakbedekking.

Ten tijde van het onderzoek is een deel van de schadelocatie (daar waar de dakbedekking los ligt en opbolt) plaatselijk geballast met betontegels.

Overzicht schadelocatie

Op verschillende locaties op het dak worden ook in meer en mindere mate loslatende baanoverlappen aangetroffen, welke de waterdichtheid bedreigen. Bij het belopen van het dak veert de onderliggende steenwolisolatie aanzienlijk in. Lokaal wordt hierdoor, ter plaatse van de mechanische bevestiging, de dakbedekking geperforeerd.

De dakbedekkingsconstructie is als volgt opgebouwd (van binnen naar buiten):

  • Onderconstructie                      : geprofileerde staalplaat
  • Dampremmende laag              : PE-folie, los gelegd
  • Isolatie                                        : Steenwol 100 mm1 mechanisch bevestigd
  • Dakbedekking                           : EPDM, mechanisch bevestigd

Detailopname dakopbouw / mechanische bevestiging

De schade wordt door de dakaannemer afgedaan als stormschade die niet onder de verstrekte garantie valt te claimen. Een veel voorkomende situatie waarbij overmacht van toepassing zou zijn.

De windcondities ten tijde van de schademelding waren, zo blijkt na onderzoek, van een gering niveau en zijn door de bouwregelgever normatief voorzien. Schade had onder deze condities niet mogen ontstaan. Volgens opgave zou de schade op 4 februari 2011 zijn ontstaan. Ter verificatie van de toen heersende klimaatcondities zijn bij het KNMI de datagegevens opgevraagd.

Het maximaal uurgemiddelde bedroeg die dag 17 m/s, hetgeen volgens de Beaufort tabel overeenkomt met een windkracht uitgedrukt in Beaufort van 7. Dit betreft kortom een omstandigheid waarbij er geen schade is voorzien aan daken. In algemene zin kan overigens gesteld worden dat claimen op overmacht, gerelateerd aan onze bouwregelgeving en de daarin van toepassing verklaarde normen, vrijwel nooit terecht zijn.

Wat is de dan de oorzaak van de schade?

De schade aan het EPDM dakbedekkingssysteem wordt op basis van de eerste onderzoeksresultaten primair toegeschreven aan uitvoeringsfouten. Er is in belangrijke mate afgeweken van de in de ontwerpberekeningen voorgeschreven uitvoeringsmethodiek.

De schade is veroorzaakt door een verkeerde (onvoldoende in aantal en locatie) mechanische bevestiging van het EPDM dakbedekkingssysteem. Door het geringe aantal aanwezige bevestigers is de bevestiging van het EPDM dakbedekkingsysteem bezweken. De mechanische bevestiging van het dakbedekkingssysteem is ter plaatse opgenomen en getoetst aan de overlegde windbelastingsberekening. Het navolgende is vastgesteld:

De dakrandzonering als beschreven in de overlegde windbelastingsberekening is niet in acht genomen.

  • De randzone over de breedte (d1) betreft 2,7 m1 in plaats van de ontworpen 4,1 m1.

 Breedte gemeten randzone 2,7 m1

  • De randzone over de lengte (d2) is niet aanwezig in plaats van de ontworpen 4,1 m1.
  • De in de verschillende dakzones voorgeschreven hart op hart afstand van de mechanische bevestiging is niet acht genomen.

In de randzone (d1) loopt de afstand in de rijen op naar 1,53 m1.

 Bevestiging h.o.h. 1,53 m1.

Conform de ontwerpberekening zou ook in de rij een h.o.h. bevestiging van 330 mm1 tot stand gekomen moeten zijn. In de praktijk zijn h.o.h. afstanden gemeten oplopend tot 500 mm1.

H.o.h. tussen de mechanisch bevestiging tot 500 mm1 vastgesteld.

Wijze van bevestiging

De individuele mechanische bevestiging is ook te strak ‘aangetrokken’. De isolatie van minerale wol is hierdoor gedeformeerd. De te verwachten rekenwaarde zal hierdoor in belangrijke mate negatief beïnvloed worden.

De mechanische bevestiging is in de betreffende randzone (de schadelocatie) losgetrokken uit de onderconstructie van geprofileerde staalplaat. De EPDM heeft zichtbaar getrokken aan de schroef met tule. De isolatie rondom de bevestiger is door deze belasting gedeformeerd en heeft ter plaatse ernstig aan drukvastheid ingeboet.

Detailopname gedeformeerde isolatie rondom tule (bevestiging)

Door de afname van drukvastheid neemt de rekenwaarde voor de windweerstand per bevestiging in belangrijke mate af.

Voorbeeld opname gedeformeerde isolatie rondom tule (bevestiging)

Resultaat uitvoeringsfouten

De waterdichtheid is ernstig in het geding.  Door de grote (te grote) vrije ‘overspanning’ tussen de mechanische bevestiging klapperen de banen en oefenen deze grote krachten uit op de baanoverlappen.

Detailopname loslatende baanoverlp

 Detailopname gerepareerde baanoverlap (herstelstickers)

 Detailopname gerepareerde baanoverlap (herstelstickers)

Het is betreurenswaardig als een dakaannemer een gebouweigenaar ‘afscheept’ met de mededeling dat buiten zijn schuld (door overmacht) stormschade is ontstaan.

Afwijken van ontwerp en uitvoeringsrichtlijnen, zoals in deze casus weergegeven, wordt per definitie op enig moment afgestraft. Dat dit niet leidt tot betaald extra werk moest deze dakaannemer zelf ondervinden.

Wilt u deze tekst in opgemaakte vorm lezen met foto's, klik dan deze link aan, dan ontvangt u de tekst in een PDF bestand



Deze website wordt mede mogelijk gemaakt door:

Leveranciernaam