Roofs 2014-06-16 Wat wil je elkaar aandoen?

In 2013 zijn zeker drie doden gevallen tijdens het aanbrengen van zonnepanelen, reden voor Roofs het licht op te steken bij de veiligheidsdeskundigen van UNETO-VNI. Hoe kijkt de ondernemersorganisatie tegen deze materie aan en welke acties onderneemt men om veilig werken op hoogte te bevorderen?

Roofs is met een reeks artikelen over ‘Veilig werken op hoogte’ van start gegaan omdat een heldere structuur over regelgeving, naleving, invulling en toezicht ontbreekt. Veiligheid kent diverse belanghebbenden die vanuit hun positie invloed hebben op veilig werken op hoogte. Door al deze belanghebbenden te interviewen ontstaat een totaaloverzicht, Roofs streeft ernaar het haar lezers zo helder mogelijk te presenteren.

UNETO-VNI is de ondernemersorganisatie voor de installatiebranche en de elektrotechnische detailhandel. Roofs sprak met Mari Garcia, beleidsmedewerker Sociaal Juridische Zaken en secretaris van het College Arbeidsomstandigheden van UNETO-VNI. Ook werd Johan Vink geïnterviewd, hij is lid van het College Arbeidsomstandigheden van UNETO-VNI en is daarnaast Senior Specialist Kwaliteit, Arbo & Milieu bij VolkerWessels Telecom.

Initiatieven

Mari Garcia opent het gesprek: “Vallen van hoogte is een primair risico binnen de installatiebranche, dit is de reden dat dit het eerste thema voor de Arbocatalogus 'Werken op hoogte' was, zie www.ii-mensenwerk.nl . Hierin staan de maatregelen beschreven die in ieder geval genomen moeten worden wanneer op een hoogte boven 2,5 m wordt gewerkt – ongeacht de werkzaamheden. De Arbocatalogus is een aantal jaren geleden positief marginaal getoetst door de Inspectie SZW. Voor de Arbocatalogus ‘werken op hoogte’ zijn een aantal project RIE's ontwikkeld. Eén RIE specifiek voor het werken op daken, de ander voor het werken langs de gevel. Ook heeft de catalogus de ladder RIE opgenomen.”

Beide geïnterviewden onderkennen de problemen op het gebied van veilig werken op hoogte. “De grotere opdrachtgevers hanteren meestal wel een veiligheidsbeleid en het merendeel van de grotere installatiebedrijven zijn in de meeste gevallen wel serieus met veiligheid bezig,” aldus Garcia. “De grootste problemen doen zich met name voor bij het aanbrengen van zonnepanelen door zzp’ers voor particulieren. Binnen de brancheorganisatie wordt werk gemaakt van enerzijds het beschikbaar stellen van de instrumenten waarmee voldaan kan worden aan een veilige werkpraktijk, en anderzijds aan een groter bewustzijn dat zonnepanelen op een veilige manier dienen te worden aangebracht.”

In principe is dus duidelijk waar aan voldaan moet worden en ook is vastgelegd hoe hier in de praktijk invulling aan moet worden gegeven. Waar gaat het dan mis? Johan Vink: “In de utiliteitsbouw gaat het meestal wel goed, daar gaat het dikwijls om serieuze opdrachtgevers en grote aannemersbedrijven. Natuurlijk worden daar ook fouten gemaakt en werken deze bedrijven ook niet altijd op een veilige manier. Het gaat zoals gezegd met name vaak mis bij kleine aannemersbedrijven en zzp’ers die in opdracht voor particulieren werken. Deze bedrijven zien zich vaak gedwongen werk aan te nemen tegen een te lage prijs zodat een veiligheidsvoorziening geen optie is. De vraag die de markt zichzelf moet stellen is: wat wil je elkaar aandoen? De focus ligt teveel op prijs.”

Garcia: “Dat is iets wat ook niet met voorlichting kan worden veranderd, een particulier zal niet snel méér betalen voor de veiligheid en redeneert dat het de verantwoordelijkheid van het bedrijf is dat de panelen installeert. Er is dus actie vanuit de overheid nodig, zowel in de bewustwording op dit gebied als in de handhaving. Het is verplicht veilig te werken en dat moet dus ook worden opgenomen in de offerte. De wetgeving is op dit gebied helder, maar de handhaving is vanwege de geringe capaciteit van Inspectie SZW niet toereikend.”

“Er zijn diverse initiatieven in de markt van partijen die er met andere vormen en ideeën werk van maken de situatie te verbeteren,” aldus Vink. “Denk daarbij bijvoorbeeld aan de eerder dit jaar door diverse leidende marktpartijen ondertekende Governance Code. Wij juichen deze initiatieven toe, want het is belangrijk dat marktpartijen opstaan en een voorbeeldfunctie gaan vervullen.” In Roofs april 2014 gaf een van de initiatiefnemers van de Governance Code, advocaat Jelle Otten van AKD Advocaten, aan dat de verantwoordelijkheid voor het veilig aanbrengen van zonnepanelen krachtens de Vangnetbepaling in de Woningwet bij de gehele keten ligt, dus ook de opdrachtgever. Hoe kijkt UNETO VNI hier tegenaan? “Dat lijkt me een goede zaak,” aldus Garcia. “Wel is het zoals hiervoor al gesteld in geval van een particuliere opdrachtgever lastig te organiseren.”

Inzake de recent gepubliceerde norm NEN 7250 wordt vanuit de dakdekkersorganisaties wel eens geklaagd dat installateurs onvoldoende kennis hebben van de verschillende (veiligheids- maar ook bouwfysische) aspecten van het dak en dat dit in de praktijk grote problemen oplevert. Zie hiervoor ook het artikel ‘Dakwerk is vakwerk: ook op zonnedaken’ in Roofs februari 2014. Garcia kent deze problematiek niet en zal desgevraagd hierover het gesprek aangaan met branchevereniging HHD.

Onderhoud

Wat betreft het onderhoud van zonnepanelen stelt Garcia dat ook dit op een veilige manier uitgevoerd dient te worden. “Het hangt af van de situatie hoe vaak de zonnepanelen schoongemaakt moeten worden. In een omgeving met bijvoorbeeld veel bomen of vliegverkeer is dat vaker dan elders. De reiniging van zonnepanelen vindt grotendeels plaats via regenwater en dus zal onderhoud in de meeste gevallen maar weinig uitgevoerd hoeven worden. Er is daarom ook geen gemiddelde te geven hoe vaak een zonnepaneel schoongemaakt moet worden, wij adviseren eigenaren van zonnepanelen de opbrengst van de zonnepanelen in de gaten te houden. Gaat die naar beneden, dan loont het wellicht de moeite de zonnepanelen schoon te maken. Inclusief veiligheidsvoorzieningen kan dit een aanzienlijke investering vergen, daarom is het in zo’n geval aan te raden de installateur direct het hele systeem even na te laten lopen.”

Om het veiligheidsbewustzijn en –gedrag te vergroten organiseert UNETO-VNI gedurende het hele jaar de Praktijkdagen Veilig Werken. Deze dagen zijn bedoeld voor uitvoerend leidinggevenden en monteurs en behandelen de diverse manieren om veilig te werken in realistische praktijksimulaties. In zes aansluitende modules komen de diverse thema’s aan bod: veilig gebruik van de hoogwerker, het gebruik van persoonlijke beschermingsmiddelen,  asbest, kwartsstof, ladders en trappen en werken bij elektrische installaties. De eerstvolgende Praktijkdag Veilig Werken wordt op 25 juni georganiseerd in de Van der Valk in Spier. Zie de website van UNETO-VNI voor meer informatie over deze praktijkdagen.

Wilt u deze tekst in opgemaakte vorm lezen met foto's, klik dan deze link aan, dan ontvangt u de tekst in een PDF bestand



Deze website wordt mede mogelijk gemaakt door:

Leveranciernaam

Inschrijven nieuwsbrief