(uitgave 97/4 pag 6)

Werkgroep BIN TC191 GT8 reageert op Belgolux-artikel (RB 97-2)

"Neen, er is geen monopolie-situatie"

In de april-uitgave van Roof Belgium werd een artikel opgenomen waarin Belgolux, de Belgische Vereniging van Lichtkoepel-, Lichtstraat en Rookluikfabrikanten, haar ongenoegen uit over de nieuwe norm NBN S-21-208 deel 1 voor het berekenen van rook- en warmte-afvoerinstallaties. Deze norm zou bepaalde types toestellen sterk bevoordelen en bovendien enkele RWA-berekenaars in een monopoliepositie plaatsen. De werkgroep BIN TC191 GT8, auteur van deze norm, is echter van mening dat dit artikel een eenzijdige weergave is van de feiten en vroeg ons dan ook onderstaande tekst te publiceren om haar standpunt duidelijk te maken. (red.)

In geval van brand in een gebouw is de afvoer van rook en warme gassen essentieel. De afvoermogelijkheden dienen zodanig te zijn dat het gebouw voor tussenkomst kan betreden worden gedurende een tijdspanne die wordt bepaald in functie van de indeling van het gebouw en van het aantal aanwezige personen. De belangrijkste handicap voor deze toegankelijkheid is de rook waarvan de temperatuur en de rooklaagdikte de kritische waarden niet mogen overschrijden teneinde de toegang niet te verhinderen.

Een rook- en warmteafvoerverluchter is niet zomaar een opening, raam of lichtstraat. Het rookdebiet is sterk afhankelijk van de geometrische vorm zowel qua oppervlakte als qua hoogte, van de openingshoek en -richting. Deze laatste bepaalt de gunstige of ongunstige invloed van de wind die, in sommige gevallen, de rook naar binnen zou doen slaan in plaats van de afvoer ervan te verzekeren.

De afvoer van rook uit een brandend gebouw werd, gedurende meerdere jaren, bestudeerd in vele onderzoekslaboratoria. Het meest actieve laboratorium is dit van het Fire Research Station in Groot-Brittanië. De laboratoria hebben branden in winkelcentra, industrie- en commerciële gebouwen gesimuleerd, op schaal en op reële grootte. Deze testen resulteerden uiteindelijk in een wiskundige formulering, in berekeningsmethodes die werden bestudeerd en die gedurende meer dan 25 jaar worden gepubliceerd.

Het zijn deze werken die aan de basis liggen van de uitwerking van de serie Belgische Normen S 21-208 die, zoals de meeste van NBN, worden opgesteld door specialisten terzake zonder enige exclusieve of monopolie-situatie. Het betreft hier een grondregel voor de werken die worden uitgevoerd aan het Belgisch Normalisatie-instituut. Elkeen heeft het recht om aan deze werkzaamheden deel te nemen. Bij publicatie worden zij onderworpen aan een publieke rondvraag die officieel wordt aangekondigd in het Belgisch Staatsblad. Iedereen kan dan alsnog zijn opmerkingen formuleren en deze worden zonder enige monopolie-situatie in beschouwing genomen. Uiteindelijk wordt de definitieve tekst gepubliceerd als Belgische Norm die door de Koning kan worden gehomologeerd. Dit was het geval voor de NBN S 21-208-1 die werd goedgekeurd bij Koninklijk Besluit van 30 juli 1976 met betrekking tot de homologatie of de registratie van de normen die door het Belgisch Instituut voor Normalisatie publiek worden gemaakt.

In dit stadium heeft dit soort norm geen enkele vorm van wettelijke toepassing. Het is een document van het zogenaamde vrijwillige domein dat behoort tot deze die niet van wettelijke toepassing zijn. M.a.w. dit document kan vrijwillig door de bouwheer worden opgelegd in het lastenboek. Een architect of een studiebureau heeft, in dit geval, de volledige vrijheid om deze norm of eender welke andere Belgische of buitenlandse technische referentie op te leggen. Aangezien de norm wordt beschouwd als een "regel van de kunst", is het nochtans raadzaam dat de andere technische referentie op zijn minst een gelijkwaardig veiligheidsniveau biedt als datgene dat door de norm wordt bereikt. Derhalve dient de norm beschouwd te worden als één van de middelen die toelaat een bepaald veiligheidsniveau te bereiken. Noch het bestaan van de NBN-norm, noch het gebruik ervan als referentie mogen beschouwd worden als het scheppen van een monopolie-situatie temeer daar het toepassingsdomein van de NBN S 21-208-1 zeer beperkt is.

Een ander onderwerp dat in het artikel op de korrel werd genomen is de BOSEC certificatie. BOSEC werd opgericht in 1991 met als doel certificaties te verstrekken in het domein van beveiliging tegen brand en inbraak. Het beheer wordt, op verschillende niveaus, gevormd door afgevaardigden van de overheid, fabrikanten, gebruikers en normalisatie-, studie- en controle-instellingen. Het is dus een onafhankelijk certificatie-organisme dat gelijkvormigheidscertificaten aflevert aan personen en bedrijven in een bepaald werkdomein voor producten die beantwoorden aan normen en bekwaamheidscertificaten. Deze bekwaamheid wordt bepaald door objectieve criteria die gepubliceerd zijn in de certificatiereglementen. Tot op heden worden deze zeer gedetailleerde reglementen, op vraag, gratis verdeeld aan de kandidaten voor certificatie. Het is zo dat BOSEC BENOR-ATG certificaten aflevert voor branddeuren, certificaten voor anti-inbraakdeuren en aan bedrijven en hun experten, op hun persoonlijke naam, voor installaties van branddetectie, sprinklerinstallaties en rook- en warmteafvoerinstallaties (RWA-installaties). De certificatie van branddetectie-experten en experten in sprinklerinstallaties wordt gerealiseerd door een actieve samenwerking met alle economische betrokken partijen in de markt : overheid, brandweer, fabrikanten, installateurs, gebruikers, verzekeraars (UPEA).

De markt aanvaardt niet langer installaties die valse alarmen veroorzaken en die te pas en te onpas alarm geven. Dit heeft de verzekeraars ertoe aangezet om producten en installateurs vanaf het begin van de eeuw te doen erkennen. Deze activiteit werd door BOSEC bij zijn oprichting in 1991 overgenomen.

BOSEC heeft op dezelfde wijze experten in RWA-installaties gecertificeerd. Zoals bij alle andere certificatie-activiteiten behandelt BOSEC deze activiteiten binnen technische multidisciplinaire comités waarvan de leden de overheid, de brandweer, de controle-organismes, de verzekeraars alsook de ontwerpers en leveranciers RWA-systemen vertegenwoordigen. Eender welke vertegenwoordiger van een professionele vereniging die enig belang heeft in dit domein kan als volwaardig lid deel uitmaken van zo een comité.

Wat betreft de certificatie van RWA-ontwerpers gaat het om een certificatie die tot het vrijwillig domein behoort en niet tot het wettelijk domein. Zolang de referentie naar de NBN norm (of eender welke andere norm of technisch document) niet wordt opgelegd bij wet, Koninklijk Besluit of decreet of door een BOSEC certificatie, blijft deze norm en deze certificatie tot het vrijwillig domein behoren en zijn zij dus niet wettelijk verplicht. Wij kunnen, ter titel van voorbeeld, een geval aanhalen waarbij een BOSEC certificatie verplicht werd. Het betreft de branddeuren waarvoor de certificatie verplicht werd door de "Basisnormen van het Ministerie van Binnenlandse Zaken" en die derhalve het etiket BENOR ATG moeten dragen dat door BOSEC wordt afgeleverd.

In alle andere gevallen behoren de NBN normen en de BOSEC certificaties tot het vrijwillige domein, tot de regels van de kunst. Elkeen heeft de vrijheid om andere referenties te gebruiken. Het is zijn verantwoordelijkheid. Een verantwoordelijkheid die de veiligheid van bewoners, brandweer, eigendommen ... moet verzekeren. En deze zekerheid kan niet worden gegeven door te verklaren, soms schriftelijk, dat producten of installaties beantwoorden aan de NBN S 21-208-1 indien deze gelijkvormigheid niet binnen het specifieke toepassingsdomein van de norm valt. Zij kan niet worden verzekerd door zich tevreden te stellen met het bepalen van een oppervlakte-percentage in het dak als brandverluchters. Een bekwaam RWA-ontwerper weet dat het aantal m2 van een 'verluchter' met een kleine openingshoek of waarvan de opening naar beneden gericht is niet dezelfde afvoercapaciteit heeft als de m2 ontworpen en berekend volgens de NBN S 21-208-1 wanneer deze laatste van toepassing is.

Er dient ook genoteerd te worden dat er momenteel 6 personen als "ontwerper RWA" gecertificeerd zijn. Het spreekt voor zich dat dit geen "monopolie"-situatie is zoals simpelweg werd vermeld.

door: BIN/IBN TC 181 GT8 Commisie


Kies hier:
Inhoudsopgave Roof Belgium 1997
Terug naar Roof Belgium