(uitgave 99/4 pag 10)

Een houvast voor ontwerper, aannemer en bouwheer

BENOR en ATG: conformiteitsmerken voor bouwproducten

Ondanks het feit dat het opleggen van een BENOR- of ATG-merk meestal niet wettelijk verplicht is, is de juridische waarde ervan toch vrij groot. Bij eventuele geschillen zal de jurisprudentie er namelijk vaak op terugvallen. In dit artikel wordt een vergelijking gemaakt tussen deze beide conformiteitsmerken en wordt tevens aandacht besteed aan de verdere voordelen die ze inhouden voor de verschillende bouwpartners.

BENOR en ATG zijn zogenaamde 'conformiteitsmerken' voor bouwproducten, beheerd door officiële instanties. Om het merk te mogen dragen moeten de producten beantwoorden aan een aantal precies omschreven technische eisen. Zo hebben de architect, de ontwerper, de aannemer en de bouwheer een houvast bij de keuze van het bouwproduct. Uiteindelijk is het de bedoeling om zo de kwaliteit van de afgeleverde bouwwerken te verbeteren en te helpen waarborgen.

Onderscheid tussen beide merken

BENOR en ATG zijn twee afzonderlijk beheerde merken. Ze vullen elkaar evenwel volledig aan, zodanig dat ze samen de volledige sector van de bouwproducten omvatten. Voor een algemeen overzicht van het beheer en de werking van beide merken verwijzen we naar het vergelijkend overzicht in tabel 1.
Het is belangrijk om te weten dat een BENOR-merk wordt toegekend op basis van een Belgische norm(NBN), of in aanvulling, op basis van Technische Voorschriften (PTV). Deze zijn algemeen geldend, ongeacht de producent, en stemmen overeen met de bekende stand der techniek.
De benaming ATG staat zowel voor een merk (het ATG-merk) als voor de Technische Goedkeuring zelf: een gunstige beoordeling van de gebruiksgeschiktheid in de bouw van een welbepaald product. Een belangrijk verschil met BENOR is dat het ATG-merk wordt aangevraagd door één bepaalde producent en voor één specifiek product. De ATG-goedkeuringen betreffen vooral nieuwe en innoverende producten of producten waarvoor nog geen norm of PTV bestaat.

De certificering

De toekenning van het BENOR- of ATG merk houdt ook in dat de overeenstemming met de normen, PTV of ATG doorlopend gewaarborgd blijft. Daarvoor wordt voorzien in een dubbel controle-systeem:
Pas wanneer na een onderzoeksperiode de resultaten van de interne en externe controle voldoening geven, wordt het product gecertificeerd. Vanaf dan en zolang het product aan de controle blijft voldoen mag het bedrijf het BENOR- of ATG-merk op het betreffende product aanbrengen.

De juridische draagwijdte

Met uitzondering van enkele normen inzake brandveiligheid, thermische isolatie en elektriciteit komt de Belgische wetgever relatief weinig tussen om de kwaliteit van de bouwwerken te garanderen. Het opleggen van BENOR of ATG is dus meestal niet wettelijk verplicht.

Toch is de juridische waarde van de normen, technische voorschriften en goedkeuringen heel groot: bij geschillen zal de jurisprudentie er immers steevast op terugvallen. Uiteraard zijn diezelfde eisen wel juridisch bindend wanneer er in het bestek naar verwezen wordt. Bij de overheidsopdrachten is dit steeds de regel. Ook in de privé-bouwmarkt is dit in toenemende mate het geval.

Bovendien legt de Europese Bouwproductenrichtlijn een wettelijke verplichting op om bouwproducten te voorzien van het reglementair CE-merk, dat dan het bewijs levert van overeenstemming met de technische basisvoorschriften van deze Richtlijn. Daardoor kunnen ze vrij circuleren op de Europese binnenmarkt. De basisvoorschriften zijn echter zeer algemeen opgesteld en moeten nog grotendeels per product vertaald worden in concrete 'geharmoniseerde' normen en goedkeuringen.

In het Koninklijk besluit van 19 augustus 1998 is bepaald dat in afwachting hiervan de overeenstemmende Belgische productvoorschriften van toepassing zijn. Met andere woorden, door in het bestek te verwijzen naar de normen PTV en ATG anticipeert de architect/ontwerper nu reeds op het toekomstig reglementair kader.

Aansprakelijkheid

De producent blijft volledig verantwoordelijk voor de kwaliteit van zijn producten. De certificatie-instelling geeft enkel toelating aan de firma om haar product te merken nadat zij geoordeeld heeft dat er voldoende waarborgen zijn dat het bedrijf in staat is om te produceren overeenkomstig de norm.

BENOR en ATG: wat heeft men eraan?

Architecten of opdrachtgevers weten vaak niet welke technische specificaties ze moeten hanteren bij het opmaken van een bestek? Wat is de kwaliteit van de bouwproducten waaruit ze kunnen kiezen? Hoe kunnen ze die kwaliteit controleren?

BENOR en ATG bieden hier een uitkomst. Het volstaat dat er in het bestek gewoon verwezen wordt naar de norm, een PTV of een ATG en dat er een levering wordt opgelegd van producten met een BENOR of ATG merk. Van die producten weet men tenminste dat ze vooraf door gecertificeerde instellingen zijn getest en degelijk zijn bevonden en dat de kwaliteit ervan permanent wordt gecontroleerd. Dit neemt de architect en de opdrachtgever heel wat werk uit handen en sluit heel wat mogelijke oorzaken van discussie bij voorbaat uit.

De ATG-teksten bieden bovendien het voordeel dat er voor het product ook verwerkingsvoorschriften in opgenomen zijn. Het ATG-merk laat bovendien toe om zonder risico minder traditionele producten in de bouwprojecten te verwerken. Zo kan men vlugger inspelen op de evolutie in de markt.

Indien U wil weten voor welke bouwproducten er een BENOR- en ATG-merk bestaat kunt U contact opnemen met de instanties vermeld in tabel 2.

Een dure zaak?

Vooral fabrikanten voeren de kostprijs aan als een (onterecht) argument om het ontbreken van een certificaat voor hun producten goed te praten. De stelling dat het BENOR- of ATG-merk de kostprijs van bouwproducten kunstmatig opdrijft is echter wel heel kortzichtig:

In het geval van een ATG worden de kosten wel verhoogd met die van de opmaak en de publicatie van de ATG. Deze kost schrikt de producent soms af. Toch besteedt hij voor de promotie vaak bedragen die vele malen hoger zijn, en waarvan de inhoud niet steeds objectief is en dezelfde autoriteit heeft. Ook hier loopt het kostenargument dus mank.

De gedetailleerde gegevens over bouwproducten en -producenten vindt u verder:

Informatie

De voordelen van de merken. Producten met het BENOR- of ATG-merk bieden de verschillende bouwpartners alleen maar voordelen:
  1. Ze voorschrijven.
  2. Ze gebruiken.
  3. De bouwheer heeft een betere kwaliteitsgarantie op het vlak van de aangewende producten.
  4. De ontwerper kan zijn aandacht toespitsen op de kwaliteit van de uitvoering van de bouwwerken.
  5. De aannemer vermijdt risico's te wijten aan de uitvoering van bouwwerken met minderwaardige producten.

Tabel 1: Vergelijkend overzicht van de organisatie en de werking van BENOR en ATG

BENORATG
1. Voorwerp van KeuringTraditionele productenNiet traditionele en innoverende producten
2. Technische grondslag
BenamingenNBN (Belgische Normen)
PTV (Technische Voorschriften)
ATG (Technische goedkeuringen)
Type voorschriften
PublicatieNBN Bekrachtiging of registratie bij Koninklijk Besluit
PTV registratie door het MVI
Registratie door het MVI
3. Organisatie
VoogdijBelgisch Instituut voor Normalisatie (BIN), een instelling van Openbaar Nut onder auspiciën van het Ministerie voor Economische ZakenDirectie Goedkeuring en voorschriften (DGV) van het Ministerie van Verkeer en Infrastructuur(MVI)
BeheerComité voor het merk (CM) van het BINTechnische Commissie voor de bouw (TCB) en zijn gespecialiseerde groepen
UitvoeringNormcommissies en sectoriele certificatie-instellingenButgb (Belgische Unie voor technische goedkeuring in de bouw) en gespecialiseerde instellingen en certificatie-instellingen
4. Het MerkBENORATG

BouwproductenCertificatie-instelling
Diverse producten waarvan de belangrijkste zijn:
keramische en gebakken kleiproducten, vezelversterkte en kunstofbuizen, isolatiemateriaal, raamprofielen, beglazing, waterdichte bekleding,...
BCCA (Belgian Construction Certification Association)
Aarlenstraat 53, bus 10, 1040 Brussel, tel 02- 238.24.11, fax 02-238.24.01
HoutproductenCTIB (Technisch Centrum voor de houtnijverheid) Hof-ter-Vleesdreef 3, 1070 Brussel, tel: 02-558.15.50, fax 02-558.15.89
Brandwerende deurenBOSEC (Belgian Organisation for Security Certification) De Meeusplantsoen 29, 1040 Brussel, tel 02-547.58.05, fax02-547.58.07
Diverse producten voor de wegenbouw COPRO (Onpartijdige Instelling voor de Controle van de Bouwproducten) Dendermondsestraat 168, 1083 Brussel, tel 02-468.00.95, fax 02-469.10.19
Beton, Mortel, grondstoffen voor betonCRIC (Nationaal centrum voor wetenschappelijk en technisch onderzoek der cementnijverheid) Kroonlaan 321, 1050 Brussel, tel 02-645.52.51 fax 02-645.52.61
Buizen en hulpstukken uit gresNISMA (Institut national Interuniversitaire des silicates, sols et matériaux) avenue Gouverneur Cornez 4, 7000 Mons, tel 065-34.80.00, fax 065-34.80.05
Betonstaal en voorspanstaalOCBS/OCAB (Organisatie voor de controle van betonstaal) Montoyerstraat 47, 1040 Brussel, tel 02-509.14.11, fax 02-509.14.00
Produits en BétonPROBETON (Beheersorganisatie voor de controle van betonproducten) A. Reyerslaan 207/209, 1030 Brussel, tel 02-735.61.63, fax 02-735.63.56


Kies hier:
Inhoudsopgave Roof Belgium 1999
Terug naar Roof Belgium