(uitgave 99/5 pag 18)

Ware overrompeling voor BEVAD-studiedagen

Op dinsdag 1 juni en donderdag 3 juni jl. organiseerde de BEVAD 2 interessante studiedagen over het platte dak. Het spreekt voor zich dat wij in onze volgende uitgaven nog regelmatig zullen terugkomen op de diverse lezingen en de behandelde onderwerpen, maar in onderstaand verslag geven wij U alvast een sfeerbeeld van de Nederlandstalige dag die plaatsvond net voor het ter perse gaan van deze juni-uitgave.

De BEVAD-studiedagen waren een waar succes. De Nederlandstalige dag, die plaatsvond op dinsdag 1 juni, werd georganiseerd in het Crown Plaza Hotel te Antwerpen in samenwerking met het WTCB , Cobomedia en de KVIV en trok maar liefst 200 deelnemers. Ook voor de Franstalige dag, die werd ingericht op donderdag 3 juni in het Château de Namur in samenwerking met het WTCB en Cobomedia, was de opkomst boven alle verwachtingen: vanaf 120 inschrijvingen moest men noodgedwongen deelnemers beginnen te weigeren. Opvallend dit jaar was dat niet alleen de fabrikanten en dakdekkers maar eindelijk ook de ontwerpers en opdrachtgevers sterk vertegenwoordigd waren.

De Nederlandse studiedag in het Crown Plaza Hotel te Antwerpen trok maar liefst 200 deelnemers
Het was Dhr. Ir. L. Busschaert van de BUTgb die op 1 juni de spits mocht afbijten na de officiële verwelkoming van de congressisten door de dagvoorzitter Dhr. Ir. F. Louwers, voorzitter van het T.C. dichtingswerken bij het WTCB. De heer Busschaert gaf een vrij elementair overzicht van de verschillende samenstellende elementen van het dak en hun gebruiksvoorwaarden om vervolgens hun verenigbaarheid en gebruiksgrenzen te bespreken. Het voornaamste dat we van deze uiteenzetting moeten onthouden is de noodzaak om een dakopbouw de ontwerpen van bij de aanvang van het project en zeker niet te improviseren tijdens de uitvoering.

Dhr. Dr. G. Timmermans van de CIR (Isolatieraad) had het als tweede spreker over het nut en de reden van dakisolatie -zowel bij nieuwbouw als bij renovatie- en ging ook in op de specifieke eisen die gesteld worden aan de diverse isolatiematerialen. Hij besteedde ook bijzonder veel aandacht aan het belang van het dampscherm dat met het oog op een eventuele herbestemming van het gebouw in feite steeds zou moeten worden voorzien, wat in de praktijk blijkbaar niet steeds gebeurt. Verder pleitte hij er ook voor om bij het maken van offertes niet klakkeloos de goedkoopste oplossing aan te bieden, maar ook betere en dus duurdere varianten voor te stellen. Een stelling die tijdens de vragenronde door sommige aanwezigen als puur theoretisch werd afgedaan..

Na de koffiepauze hielden de heren D. Van Damme (Fechiplast) en Ir. H. Steenbrugghe (VESP)een betoog over de in ons land meest voorkomende synthetische afdichtingen die gebruikt worden voor de waterdichting van platte daken. Zo besprak de heer Van Damme de samenstelling, het productieproces, de voornaamste eigenschappen en de plaatsingstechnieken van PVC, dat momenteel ca. 60% uitmaakt van het marktaandeel van de kunststofafdichtingen in België, en PIB en CPE die elk goed zijn voor zo'n 6% van de markt. De heer Steenbrugge stak vervolgens zijn voorliefde voor EPDM niet onder stoelen of banken. Dit materiaal maakt momenteel nog maar 5% uit van de totale kunststofmarkt maar kent desondanks een zeer snelle groei. De spreker waarschuwde het aandachtige publiek voor de diverse aanbieders van 'witte producten' die ook al in het verleden de goede naam van het EPDM in het gedrang hebben gebracht. Tijdens de vragenronde werd er verwezen naar het onlangs in Roof Belgium gepubliceerde artikel over een Engelse marktstudie die voor TPO een mooie toekomst voorspelt, een materiaal dat in de lezing helemaal niet aan bod is gekomen. Volgens het deskundige panel heeft dit product momenteel nog last van een aantal kinderziektes en zijn er in België nog te weinig projecten mee gerealiseerd om er nu al diepgaand aandacht aan te besteden.

Het deskundig panel van de voormiddag tijdens de vragenronde
Dhr. M. Hannes van Bitubel besprak vervolgens de evolutie van de materialen voor bitumineuze onderlagen en toplagen en ging hierbij vooral in op de nieuwste ontwikkelingen inzake de wapening van de membranen en de bitumenmodificatie. Naast de behandeling van de diverse plaatsingstechnieken had hij het ook over de evolutie van de producten met betrekking tot de brandveiligheid, de dampverspreidende functie, de geschiktheid voor de mechanische bevestiging en het gebruik bij specifieke civiele bouwwerken.

Na een voortreffelijke lunch en een korte uiteenzetting van Dhr. Dr. Bernard De Potter van het IWT over de steun die de Vlaamse overheid toekent aan projecten die te maken hebben met technologische innovatie, besprak Dhr. Ing. E. Meert van het WTCB op zijn gekende onderhoudende doch professionele manier de vrij complexe onderwerpen 'windbelasting' en 'windstabiliteit'. Deze belastingen hangen immers af van een ganse reeks factoren zoals de ligging van het gebouw, de vorm en de afmetingen van het bouwwerk, de luchtdoorlatendheid van de gevel en de dakvloer, de gebruikte materialen en hun plaatsingswijze op het dak. De heer Meert toonde duidelijk aan hoe al deze factoren in rekening worden gebracht bij de berekening van de windbelasting en bij de bepaling van de windweerstand van de verschillende daksystemen.

Net voor de koffiepauze gaf dhr. Ir. K. De Cuyper van het WTCB tekst en uitleg bij het Europees normvoorstel EN 12056 deel 3 inzake regenwaterafvoer. Deze norm bevat informatie i.v.m. het bepalen van de regenwaterdebieten en het ontwerp en de berekening van de goten, spuwers en afvoerpijpen. Al snel bleek dat het hier inderdaad slechts gaat om een ontwerpnorm en dat er nog heel wat keuzes gemaakt zullen moeten worden alvorens men effectief tot een Belgische norm zal kunnen komen.

De uiteenzetting van dhr. Ir. M. Peeters van de BEVAD inzake de mechanische bevestiging op stalen plooiplaten was in feite een bondige versie van de lezing die werd gehouden op het IWA congres vorig jaar te Kopenhagen en ook daar zeer veel (internationale) belangstelling genoot. Dit verhaal werd reeds integraal gepubliceerd in Roof Belgium 98/5 en 98/6 en vormt de basis van de nieuwe Technische Voorlichting die binnenkort over dit onderwerp zal verschijnen.
De visueel meest aantrekkelijke lezing werd verzorgd door de Dhr. M. Eyckens van de BEVAD die de diverse voor- en nadelen van groendaken kwam bespreken en ook de ideale samenstelling van een dergelijk dak onder de loep nam. Aan het einde van de uiteenzetting kwam ook het WTCB-onderzoek inzake groendaken even aan bod. Elders in dit nummer publiceren wij reeds het eerste deel van deze boeiende lezing.

Net zoals vorig jaar had Dhr. ing. D. Nonckreman van de Belgische Gietasfalt Organisatie nu ook weer de ietwat ondankbare taak om de studiedag af te sluiten met een overigens interessant verhaal over parkeerdaken uitgevoerd in gietasfalt.

Gedurende de ganse duur van het congres en ook tijdens de afsluitende receptie konden de ruim 200 deelnemers een bezoekje brengen aan de stands van de corresponderende leden van de BEVAD die graag lieten zien op welke manier en met welke producten zij de theoretische beschouwingen in praktijk trachten te brengen.

door: ing Guinée G.


Kies hier:
Inhoudsopgave Roof Belgium 1999
Terug naar Roof Belgium