Zoeken

Dak Helling 1997-11-23 'Nou jongens, kom op met die pannen'

"

'Ik op kantoor? Hoe kom je erbij'. Het zijn de woorden van Zillah Broerse en ze lijkt oprecht beledigd door de vraag. Ze werkt al enkele jaren als pannendekster op het bedrijf van haar vader. Kortgeleden behaalde zij als eerste vrouw in Nederland bij het opleidingscentrum SBD te Nieuwegein het diploma dakdekken.

Al een paar jaar werkt de achttienjarige Zillah Broerse bij haar vader Jaap. Zijn dakdekkersbedrijf Jalex, gevestigd aan de Industrieweg te Wormerveer, werd tien jaar geleden opgericht en houdt zich zowel bezig met het maken van platte als hellende daken. Twee dochters heeft Jaap. Sharon en Zillah. Beiden werken in zijn zaak en beiden hebben een duidelijke voorkeur om op het dak te werken. Sharon heeft het dakdekkerswerk inmiddels opgegeven vanwege rugklachten. 'Nee hoor, fysiek is het niet te zwaar, ook al zat ik vooral in het sloop- en renovatiewerk van bitumineuze daken,' haast ze te zeggen. 'Maar ik heb nou eenmaal een zwakke rug en het bedrijf was inmiddels zo gegroeid dat er iemand op kantoor nodig was. Vandaar.'
Over overmatige lichamelijke inspanningen hoor je haar zus Zillah evenmin klagen. Op het werk wordt zij door de ploeg allerminst gespaard omdat ze een meisje is. Er is ook geen enkele reden toe. Met groot gemak haakt zij de steigerdelen in elkaar, vangt ze moeiteloos de dakpannen op die haar collega's haar toewerpen en verplaatst ze de zware pannenlift. Volgens Jaap is zijn jongste dochter met geen zweep op kantoor te krijgen. Het is een meid die op het dak hoort, zegt hij. Zillah beaamt dat. Na haar opleiding aan het AOC heeft ze nog korte tijd in de horeca gewerkt, maar ze voelde zich in dat vak doodongelukkig. Vanaf het moment dat ze op het dak stond, veranderde dat op slag.

Oud en versleten

De redactie trof haar aan bij een renovatie van een stolpboerderij in Assendelft. Een bijzonder werk, niet zozeer vanwege gecompliceerde dakconstructies of afwijkende dakvormen maar vanwege het feit dat zelfs na de renovatie het dak als oud en versleten moet ogen. 'Ik zou dit project niet graag als referentieproject opvoeren,' vertrouwt Jaap Broerse toe. De kap van de boerderij is voorzien van isolatiepanelen die door de timmerman met tegenzin zo kunstig zijn aangebracht dat de oorspronkelijke wellen in het dakvlak nog zichtbaar zijn. De gebruikte Oude Hollandse pannen waarmee het dak gedekt moet worden, zijn van diverse plaatsen in den lande weggesleept. Bijna elke pan dient te worden verankerd en dat is maar goed ook want de eigenaar wilde beslist niet dat de pannen als een streep op het dak zouden komen te liggen. Vooral van dichtbij is goed te zien dat geen enkele pan goed aansluit, alsof ze er al honderd jaar op liggen. Op het dakvlak aan de achterzijde van de boerderij liggen de pannen nog het keurigst, dat wil zeggen in een tamelijk strakke lijn. En juist over dat deel van het dak is de eigenaar het minst te spreken. Te netjes vindt hij, net als hij het kozijn te mooi vindt. Dat had naar zijn mening niet waterpas aangebracht mogen worden. 'Lekken zal het dak niet,' zegt Jaap Broerse, 'maar ik geef er geen garantie op.'
Het vinden van tweedehands vorsten was een probleem. Alleen op dat punt is ten aanzien van 'de oudheid' een concessie gedaan. Op het dak liggen nieuwe vorsten, maar het valt niet op. De dakdekkers hebben ze op advies van de eigenaar besmeurd met Oost-Indische inkt.'
Op dit dak in Assendelft is Zillah met haar drie collega's aan het werk. Voor de mannen doet ze niet onder. 'Nee Jaap, bemoei je je er niet mee,' zegt ze tegen haar vader wanneer hij haar denkt te kunnen verbeteren. 'Die ankers hoeven hier niet.' Soortgelijke discussies voert ze voortdurend met haar collega's, pannendekkers die alleen door de praktijk zijn geschoold. Ze volgen de aanwijzingen die Zilla hen vanaf een afstand toeschreeuwt zonder tegenstribbelen op. Zilla heeft er immers voor geleerd, weten ze. En bovendien werkt ze als een paard. De pannendekkers staan er niet eens meer bij stil dat hun collega een vrouw is.

"