Zoeken

Lisa van Schagen (Dakdokters): “Het dak is een populair stuk gebouw”

Aandacht voor daktuinen zorgt voor een sneeuwbaleffect, ziet Lisa van Schagen,dakarchitect bij de Dakdokters.“Ik vind hetmoeilijk om me voor te stellen dat we in Nederland vanaf nu nog zwarte bitumendaken opleveren, zonder verder iets met het dak te doen.”

-Nolanda Klunder

In de wereld van het groene dak zijn de Dakdokters een begrip. Het bedrijfheeft sinds 2009 als missie om zo veel mogelijk daken van Nederland van groen te voor­ zien. Een recent voorbeeld van hun werk is de Student Experience Minervahaven in Amsterdam, genomineerd voor Dak van het Jaar 2021.

ALLES ONDER ÉÉN DAK

Lisa van Schagen is Hoofd Ontwerpteam van de Dakdokters. Ze vertelt:“De kracht van de Dakdokters is dat we een multi­ disciplinair team zijn metarchitecten, landschapsarchitecten, dakdekkers, timmermannen en hoveniers (zowel vast als zzp). Wij ontwerpen niet alleen, maar voeren onzeprojecten ook uit. Ons motto is: alles onder één dak. De dakdekkers komen van Kroon Dakdiensten, het dakdekkersbedrijf dat we een paar jaar geleden overnamen. De meerwaarde van de vier ervaren dakdekkers in ons team is dat we hun kennis in huis hebben: hun kennis van materialen, van garantiebepalingen, van duurzame producten.”

“Als architect ontwerp ik het dak binnen de gegeven rand­ voorwaarden”, licht Van Schagen toe.“Constructiebereke­ ningen worden door externe bureaus gedaan. Voor de invulling van het groen op het dak zijn er landschaps­ architecten in ons team. Het mooiste is om een daktuin te maken die hetzelfde tuingevoel geeft als een tuin op de begane grond. Daken komen naast kansen echter ook met beperkingen: bomen zijn zo zwaar dat ze doorgaans alleen boven een kolom geplaatst kunnen worden. In het be­ plantingsplan wordt bijvoorbeeld rekeninggehouden met agressief wortelende soorten. Door het ontbreken van volle grond liggen pad en het groen op een daktuin meestal niet op hetzelfde niveau.Maar over het algemeen zijn er niet veel beperkingen aan het groen dat op een dak kan.

De hoogte is niet vaak een beperkende factor; op gro­ te hoogte heb je wel meer wind, dus om de planten te beschermen kun je bijvoorbeeld de borstwering verhogen.”

DAKTUINEN VERSUS TUINEN OP HET MAAIVELD

Van Schagen: “Een belangrijk verschil tussen een daktuin en een tuin op het maaiveld wordt gevormd door constructieve beperkingen. Als dakarchitect kijk ik daarnaar. Er is een essentieel verschil tussen nieuwbouw en bestaande bouw. Bij nieuwbouw kun je van tevoren bepalen wat de con­ structie moet kunnen dragen. Een voorbeeld is het duindak dat we maakten op een nieuw appartementencomplex in de Jordaan in Amsterdam: hier creëerden we een duin­ landschap op het dak met daarbij een natuurbad op basis van zout water. Dat is aanzienlijk zwaarder dan de gemiddelde daktuin. Bij bestaande bouw heb je vrijwel altijd te maken met constructieve beperkingen. Daken zijn doorgaans alleenberekend op wat sneeuw en onderhouds­ belasting. Soms kan er alleen een sedumdak. Dat is beter dan een zwart bitumen dak, maar een sedumdak is vanuit biodiversiteit bekeken niet zo interessant. We hebben een upgrade ontwikkeld, een ‘biodivers dak’, met een iets dikkere substraatlaag, die meer doet voor de biodiversiteit. Over het algemeen geldt: hoe dikker de substraatlaag, hoe meer mogelijkheden qua beplanting, hoe beter. Daarvoor moet je een dak soms verstevigen of moet je er een con­ structie, een stalen balklaag, overheen plaatsen.”

Een ander verschil tussen daktuinen en tuinen op het maai­ veld is de afwatering, vertelt Van Schagen.“Een oplossing is waterbuffering in een drukvast krattensysteem onder de daktuin, zoals bij onze Polderdaken. De kratten bufferen het water én leveren water voor irrigatie. Die irrigatie gaat van onderaf, wat tot minder verdamping leidt op hete dagen. Irrigatie van onderaf zorgt bovendien voor sterkere wortels.” Een derde verschil is de veiligheid. Van Schagen:“Waar dat bij parken geen onderwerp is, heb je bij daktuinen altijd te maken met valbeveiliging. Hekwerk is onderworpen aan regelgeving, wat beperkend kan werken en soms zelfs duur­ zame plannen in de weg kan zitten. In het centrum van Amsterdam mag je bijvoorbeeld alleen de achterste helft van je dak gebruiken. Heb je te maken met een hoekpand, dan komt het erop neer dat slechts een kwart bruikbaar is als daktuin. Met zulke regelgeving heb je op het maaiveld niet te maken.”

“Er zijn veel disciplines nodig voor het ontwerpen en maken van een daktuin. Dat maakt het extra mooi als het lukt”

DUURZAAMHEID

Is een groendak per definitie ook duurzaam? “’Duurzaam­ heid’ is een verzamelwoord, datverder verfijnd moet worden. Je kunt bijvoorbeeld kritisch zijn op het materiaalgebruik, maar je moet daarbij het hogere belang niet uit het oog verliezen. Je kunt bijvoorbeeld zeggen: de kratjes in de polderdaken zijn van plastic en ‘dus’ niet duurzaam, maar dit plastic is 100% recyclebaar, de kratten gaan rustig 20 jaar mee, zijnherbruikbaar en bergen duizenden liters water dat anders zo de afvoer in zou zijn gegaan.

Lisa van Schagen in een daktuin in Amsterdam-Zuid: “Op het dak zijn drie hoekjes ingericht, tot een prachtige buitenruimte die ‘s zomers de hele dag bruikbaar is. Bereikbaar via een schuifbare daktoegang en voorzien van buitenkeuken, meubilair, buitendouche
en groen.

Door het dak deels te verstevigen, konden we plaatselijk meer sub- straat toepassen. Dit levert een diversergroenplan op, wat een echte tuinervaring geeft.”(Foto: Dakdokters, Ayelt van Veen)

Dat gaat over zoveel meer. Je kunt ook kritisch zijn op wat biodiversiteit betekent.Moeten groene daken bijvoorbeeld alleen inheemse planten bevatten? Een duindak middenin Amsterdam is niet inheems. Vraag je dan af wat inheems betekent, zijn dat de planten die hier groeiden voordat de stad Amsterdam hier gebouwd werd? Sindsdien is het klimaat veranderd en zijn er andere soorten opgekomen. Het zijn belangrijke vragenom mee te nemen, maar je moet je er mijns inziens niet door laten weerhouden. Na decennia waarin we vierkante meters voor alleen mensen maakten met beton en baksteen, is het nu van groot belang om groen terug te brengen naar de bebouwde kom.

SNEEUWBALEFFECT

Van Schagen:“Ik hoop dat we het dak niet meer zien als vijfde gevel die alleen waterdicht gemaakt moet worden, maar dat we begrijpen dat het dak de plek is voor zonne­ panelen, waterberging, groen en buitenruimte. Hoe langer ik hiermee bezig ben, hoe vreemder ik het vind dat we dakenalleen afdichten met zwart bitumen. Kwalijk zelfs, ik word er bijna een beetje boos van. Vanaf nu zou eigenlijk állenieuwbouw aangelegd moeten worden met een multi­ functioneel dak in gedachten, dus met een constructie die geschikt is voor daktuinen en dakterrassen en met een verhoogde dakrand om een waterberging in op te sluiten, of zelfs een verhoogde borstwering voor valbeveiliging.Die eisen zouden opgenomen moeten worden in het Bouwbesluit. Bovendien is het vele malen goedkoper om het dak steviger uit te voeren dan om het achteraf te verstevigen.

“Langzaam maar zeker zien we het daklandschap ver­ groenen”, besluit Van Schagen.“De regelgeving en de constructieve beperkingen bemoeilijken het proces. Er zijn veel disciplines nodig voor het ontwerpen en maken van een daktuin. Dat maakt het extra mooi als het lukt. De ene daktuin leidt tot de andere, mensen raken geïnspir­ eerd door de voorbeelden die ze zien. Dat heeft de afgelo­ pen vijf jaar tot een sneeuwbaleffect geleid, waardoor en dus gelukkig steeds meer daktuinen verschijnen. Ik ben blij dat wij daar als Dakdokters aan mogen bijdragen! Dat doen we ook op andere manieren, door bijdragen aandenktanks, creatieve sessies en lezingen. Daken komen steeds meer onder de aandacht, we zien dat er liefde voor is,dat mensen er enthousiast van worden. Soms noemen we dat het ‘dakgevoel’, het exclusieve gevoel dat verblijf opeen dak je kan geven. Het is een populair stukje gebouw.”

Ook adverteren?

Maak dan gebruik van onderstaand contactformulier. We nemen zo spoedig mogelijk telefonisch contact met u op.

Adverteren

Skytech IsolatieKiwa BDA personeelKiwa BDA infoRoval November 2022Dakenraadrecticelinsulation