Zoeken

Roofs 1999-10-06 De inspectie, de analyse en het advies van dakadviseurs nader onder de loep

De waarde van een goede dakinspectie bij het stellen van een onderhoudsdiagnose is aantoonbaar. Het niet tijdig onderhouden van daken heeft vele negatieve gevolgen. Naast, in het meest extreme geval, lekkageoverlast is middels verantwoord onderzoek aangetoond dat het niet regelmatig uit voeren van onderhoud leidt tot een verdubbeling van de toekomstige onderhoudskosten.

Het vaststellen van de onderhoudsfase waarin het dak zich bevindt geeft de opdrachtgever inzicht in de te verwachten onderhoudskosten. Het doel van de dakinspectie kan hiermee voor de opdrachtgever inzichtelijk worden gemaakt.
Hoe gaat de dakinspecteur in de regel te werk? Er bestaat geen genormeerde of gestandaardiseerde inspectiemethodiek welke gehanteerd kan worden. Om die reden is de methode van aanpak tussen inspecteurs zeer verschillend. Dit is een van de oorzaken die leiden tot verschillende uitgangspunten in de analyse van de onderhoudsfase en later het onderhoudsadvies.

Het is gebruikelijk dat een dakinspecteur de daken op de tenminste de navolgende aspecten onderzoekt:

  • waterhuishouding
  • bevestigingsmethodiek
  • dakbedekking
  • isolatie
  • dampremmende laag
  • onderconstructie
  • dakdetaillering
  • bouwkundige detaillering

De waarnemingen worden vastgelegd in een rapportage die veelal ondersteund wordt met een fotorapportage. Op basis van deze gegevens waarbij het maken van insnijdingen dus noodzakelijk is, wordt dan in de analyse de onderhoudsfase bepaald. Een goede dakinspecteur is derhalve te herkennen aan een zorgvuldig onderzoek op locatie waarbij al de bovengenoemde aspecten op verantwoorde objectieve wijze worden vastgelegd.

Verwerking van de inspectiegegevens

In veel gevallen wordt op het dak al bepaald in welke onderhoudsfase het dak zich bevindt, wanneer er onderhoud uitgevoerd moet worden en welke methode van onderhoud tot op materiaalniveau. Hierbij kan men zich afvragen of dit de juiste plaats is, maar vooral in hoeverre dit onafhankelijk reproduceerbaar is. Daarmee is niet gezegd dat iedere andere inspecteur tot eenzelfde conclusie en advies zal komen. De inspecteur bepaalt met zijn specifieke ervaring en kennis eigen onderhoudsnormen. De motivatie tot bepaalde uitgangspunten zijn louter en alleen op ervaring gemaakt. Dit is een ongewenste situatie die de opdrachtgever niet ten goede komt. Hieronder enkele praktijkvoorbeelden die voor zichzelf spreken.

Praktijkvoorbeelden

Beoordeling van de bevestiging van de dakbedekking aan isolatie. Is de conclusie na insnijding visueel voldoende of onvoldoende met betrekking tot de windweerstand? En op basis van welk criterium heeft de beoordeling plaatsgevonden?
Beoordeling van de waterhuishouding op de daken. Water is per definitie slecht, maar hoe zwaar weegt dit door? Zijn er maatregelen ter verbetering van de waterhuishouding noodzakelijk?
Beoordeling van scheuren in de dakbedekking. Is er sprake van een incident of zijn er meerdere uitdrogingsscheuren? Betekent dat ingeval van uitdroging c.q. craquelé dat als de inlage is bereikt ook altijd de noodzaak van nieuwe dakbedekking aanwezig is?
Beoordeling van plooivorming. Wat is de invloed van plooivorming op de levensduur van de dakbedekking?
Beoordeling van dakbedekking. Is de samenhang tussen de lagen onderling voldoende? Welke gevolgen mogen aan de bevindingen worden verbonden?
Om het probleem van zeer persoonlijke onderhoudsnormen en het eigen referentiekader te objectiveren is het noodzakelijk deze inzichtelijk te maken. Het tot stand komen van een vergelijkbaar analyse en advies kan alleen bij toetsing aan objectieve conditiecriteria en vastgestelde onderhoudsnormen. In de advisering moet de inspecteur zich richten op prestatiebestekken of omschrijvingen waarmee de dakdekkersbedrijven met hun eigen specifieke expertise kunnen aanbieden. Het maken van materiaalkeuzes maar vooral het noemen van merken moet voorkomen worden ten dienste van de opdrachtgever.

Veel belangrijker is het dat de inspecteur aan de opdrachtgever inzichtelijk kan maken met welke objectieve openbaar toegankelijke uitgangspunten hij of zij tot een analyse en een advies komt. Het kan niet zo zijn dat de inspectie- en advieswerkzaamheden tot een persoonlijk kunstje worden verheven. Een van de meest recente initiatieven om de registratie van de inspectie te objectieveren is de conditiewijzer van het COT bv. Hierin wordt een objectieve beoordelingsmethode voor de gehele buitengevel in behandeld.
Alhoewel dit voor de dakinspecteurs nog een te beperkte weergave is van de te registreren gegevens kan deze vorm als voorbeeld gezien worden van een goede richting.

Onderhoudsnormen

Voor dakbedekkingsmaterialen zijn er onvoldoende toegankelijke onderhoudsnormen. Uitspraken als het dak gaat nog 3 of 5 jaar mee zijn wetenschappelijk of objectief enz, alleen gestoeld op een persoonlijk referentiekader. Bij doorvragen blijkt ook dit referentiekader in verschillende situaties niet waterdicht. Het zou aan te bevelen zijn om de uitgebrachte adviezen te controleren op de hierin gedane uitspraken. Als de uitgangspunten hierin duidelijk verwoord stonden kan hiermee een toegankelijke onderhoudsnorm opgebouwd worden.
Uitspraken over levensduur en duurzaamheid van dakbedekkingsmaterialen worden op basis van een onvoldoende gespecificeerd en toegankelijk referentiekader gedaan. Een lange termijn studie naar het materiaalgedrag op daken is hiervoor noodzakelijk. Degradatieverschijnselen kunnen hierbij inzichtelijk gemaakt worden. Met voldoende informatie kan er mogelijk geëxtrapoleerd worden om meer sluitende voorspellingen te doen over het toekomstige gedrag van het materiaal.
Zolang deze conditiecriteria en onderhoudsnormen niet objectief en wetenschappelijk zijn vastgelegd kan de opdrachtgever niet anders dan afgaan op het eerlijke gezicht van de inspecteur ongeacht de organisatie waar deze werkt.

Rapportage en verantwoordelijkheden van de adviseur

De dakinspecteur heeft in de rol van adviseur een grote verantwoordelijkheid als het gaat om de prestatie van het dak. Terecht merken veel dakdekkersbedrijven op dat de rol van adviseur vaak te vrijblijvend is. Uiteindelijk is het toch het dakdekkersbedrijf dat de garantie moet geven en de verantwoording voor gemaakte keuzes moet dragen. De adviseur moet om die reden werken met meetbare objectieve en vooral inzichtelijke prestatieomschrijvingen.
In de dakbedekkingsbranche is voldoende ervaring om hier met een goede aanbieding op in te gaan. Het is dus niet nodig deze in de advisering te beteugelen en een vooraf bepaalde richting in te sturen. Pas bij herkenbare fouten in de algemeen bekende ontwerp en uitvoeringsrichtlijnen moet de adviseur corrigerend ingrijpen.

door: Nic-Jan Bruins (DGI Dak & Gevel Ingenieurs)