Zoeken

Roofs 2000-09-24 Bitumen dakrollen gedoogd in bouwstoffenbesluit

Op 1 juli 2000 is de aanloopperiode van het Bouwstoffenbesluit geëindigd. Vanaf deze datum geldt voor een beperkt aantal bouwstoffen voor een beperkte periode een vrijstelling van de verplichting om voor bepaalde stoffen informatie te verschaffen over de samenstellings- en/of de immissiewaarden overeenkomstig het Bouwstoffenbesluit. Hiervoor is een gedoogcirculaire uitgebracht waarin per betrokken bouwstof is aangegeven voor welke stoffen en voor welke periode de vrijstelling geldt.

Op 1 juli 2000 is de aanloopperiode van het bouwstoffenbesluit bodem- en oppervlaktewaterbescherming (BB) afgelopen. Dat is precies een jaar nadat het bouwstoffenbesluit officieel van start ging.
Het Bouwstoffenbesluit stelt milieuhygiënische randvoorwaarden aan het verwerken van steenachtige bouwmaterialen (incl. grond) in (grond- en bouw)werken. Bodem en oppervlaktewater worden zo beschermd tegen verontreinigingen die uit dergelijke materialen kunnen vrijkomen. Terwijl hergebruik van restproducten binnen de grenzen van het besluit mogelijk is.
Het besluit heeft niet alleen betrekking op secundaire materialen (zoals materialen vervaardigd uit bouw- en sloopafval), maar ook op primaire materialen als zand, klei en beton. Het Bouwstoffenbesluit geldt uitsluitend voor situaties waarbij de materialen in toepassingen buiten in contact komen met regenwater, grondwater of oppervlaktewater. Gebruikers van steenachtige materialen in deze situaties moeten kunnen aantonen dat de materialen aan de eisen voldoen die in het besluit worden gesteld. Voor een beperkt aantal bouwstoffen is voor een bepaalde periode een vrijstelling van de verplichting om voor bepaalde stoffen informatie te verschaffen over de samenstellings- en/of de immissiewaarden overeenkomstig het Bouwstoffenbesluit ingevoerd. Hiervoor is een gedoogcirculaire uitgebracht waarin per betrokken bouwstof is aangegeven voor welke stoffen en voor welke periode de vrijstelling geldt.
Per hierna genoemde bouwstof is aangegeven voor welke stoffen en voor welke periode de samenstellings- en/of immissiewaarden zoals aangegeven in bijlage 2 van het Bouwstoffenbesluit niet gelden. De genoemde termijnen kunnen per bouwstof worden verkort indien de ontwikkelingen daartoe aanleiding geven.

  • Bitumen dakbedekkingsmaterialen (zoals gedefinieerd in noot 19 bijlage 2 van het Bouwstoffenbesluit en art 3.4. van de Vrijstellingsregeling samenstellingswaarden en immissiewaarden). In afwijking van de tabel in bijlage 2 van het Bouwstoffenbesluit geldt geen samenstellingswaarde voor: individuele PAK's tot 1 juli 2001; PAK's totaal tot 1 juli 2001; xylenen en tolueen tot 1 juli 2001; EOCl tot 1 juli 2002.
  • steenachtige bouwstoffen met een bitumencoating zoals die regulier in de burger- en utiliteitsbouw als vormgegeven bouwstof worden toegepast (bijvoorbeeld steenachtige golfplaten afgewerkt met een bitumencoating). In afwijking van de tabel in bijlage 2 van het Bouwstoffenbesluit geldt voor de bitumencoating van de bouwstof geen samenstellingswaarde voor: individuele PAK's tot 1 juli 2001; PAK's totaal tot 1 juli 2001; EOCl tot 1 juli 2002; minerale olie tot 1 juli 2002.
  • Bouwstoffen bestaande uit of voorzien van een organische coating met steenachtige toeslagstoffen zoals die regulier in de burger- en utiliteitsbouw als vormgegeven bouwstof worden toegepast (bijvoorbeeld coatings in thermische gevelisolatiesystemen). In afwijking van de tabel in bijlage 2 van het Bouwstoffenbesluit geldt voor de organische coating geen samenstellingswaarde voor: EOCL tot 1 juli 2002; minerale olie tot 1 juli 2002.
  • Niet vormgegeven bouwstoffen met een zeer fijne korrelstructuur waarbij tijdens bepaling van het uitlooggedrag conform NEN 7343 uit de optredende percolatiesnelheid blijkt dat de proef langer duurt of zal duren dan 28 dagen om tot een hoeveelheid percolaat te komen dat overeenkomt met een ratio van L/S=10 (bijvoorbeeld diverse kleisoorten met een hoog lutumgehalte en zwelkleien waaronder bentoniet). In afwijking van de tabel in bijlage 2 van het Bouwstoffenbesluit geldt geen immissiewaarde voor de in de tabel genoemde stoffen tot 1 juli 2001.
  • Metselmortel: zoals die regulier in de burger- en utiliteitsbouw worden toegepast (bij het metselen met vormgegeven bouwstoffen): In afwijking van tabel in bijlage 2 van het Bouwstoffenbesluit geldt geen samenstellingswaarde en immissiewaarde voor de in de tabel genoemde stoffen tot 1 juli 2002.*

Harmoniseren

Stichting Bouwkwaliteit heeft de taak de certificering van in de bouwsector te harmoniseren en te coördineren. Daaronder valt ook de certificering in het verlengde van de bouwregelgeving zodanig te structureren dat zowel het bedrijfsleven ermee uit de voeten kan als de regelgevende en handhavende overheid voldoende vertrouwen in een KOMO-certificaat heeft.
,,Wij hebben in het afgelopen jaren drie instrumenten operationeel gemaakt om certificering in het kader van het Bouwstoffenbesluit goed mogelijk te maken", zegt C. Richter van SBK. ,,Het betreffen de Handleiding Certificering Bouwstoffenbesluit 1998, het tijdelijk inschakelen van een materie-specialist bij het ontwikkelen van nationale Beoordelingsrichtlijnen en de Toetsingscommissie Bouwstoffenbesluit, die Beoordelingsrichtlijnen met behulp van de Handleiding toetst, zodat daarop af te geven certificaten voldoen aan de eisen van dat Besluit."
Branches en certificatie-instellingen zijn vrij om gelijkwaardige methoden toe te passen ten opzichte van de in de Handleiding genoemde methoden. De Toetsingscommissie toetst dan of zo'n alternatieve methode dezelfde zekerheid biedt dat voldaan wordt aan de eisen van het Bouwstoffenbesluit.
"De toetsing van deze SBK-commissie is bepalend voor de Ministers van VROM en V&W of zij de betrokken certificaten 'publiekrechtelijk erkennen.' Als dit gebeurt, worden die certificaten door SBK opgenomen in een maandlijst van erkende KOMO-certificaten. Voor alle bouwpartners en voor de locale handhavers geeft deze daglijst het actuele overzicht van certificaten, die het bewijs zijn dat aan het Bouwstoffenbesluit wordt voldaan", aldus Richter.
Inmiddels zijn er 700 certificaten verstrekt. Daar komen nog 200 certificaten voor de betonmortel industrie bij. Stichting Bouwkwaliteit kijkt tevreden terug op het afgelopen jaar. "We hebben hard gewerkt de afgelopen 2 a 3 jaar, maar er is dan ook veel bereikt", meent Henk Meijer van SBK.
"Voor meer informatie over certificering in het kader van het bouwstoffenbesluit en de erkende KOMO kwaliteitscertificering kan een bezoek worden gebracht aan onze website: www.bouwkwaliteit.nl."