Zoeken

Roofs 2010-05-10 “Duurzaam bouwen: kijk naar het totale plaatje!”

Sinds enige jaren heeft Derbigum Nederland de koers veranderd. Onder invloed van de veranderende vraag uit de markt is het systeem met Erkenninghouders aangepast. Met de oprichting van Derbigum Energies heeft het Belgische concern tevens een belangrijke focus gekregen op duurzame energiesystemen. Een gesprek met Ben Sengers van Derbigum Nederland.

Eind 2007 werd Derbigum Energies opgericht, een bedrijfsonderdeel met een totaalconcept rond besparing en productie van energie. In het bedrijf zijn 30 experts verenigd, die meer dan 100 projecten per jaar realiseren. Nu al is het bedrijf verantwoordelijk voor 20% van de omzet van het totale concern. Sengers: “Tegen de trend in heeft het totale concern het afgelopen jaar het beste jaar ooit gehad. “Dit is voor een groot deel toe te schrijven aan het succes van het nieuwe bedrijfsonderdeel. Wij zijn erg actief op het gebied  van passieve koeling en zonne-energie en koploper op het gebied van recycling van oude dakbanen. Wij hebben 33 man full time op onze R&D- afdeling werken. Door onze voortdurende productinnovatie weet ik zeker dat we onze pioniersrol in de dakenbranche ook in de (nabije) toekomst kunnen blijven vervullen. Er komen een aantal innovaties aan waar ik nu nog niets over kan vertellen, maar die naar mijn idee opzienbarend zijn. Anderzijds hebben we op de Nederlandse markt ----
baat bij de huidige bredere distributiestructuur en bij de organisatiestructuur van Derbigum Nederland zoals wij die nu sinds vier jaar kennen.”

Zonne-energie

Bekende producten van Derbigum Energies op de Nederlandse markt zijn de witte dakbedekking Derbibrite NT en het zonnesysteem DerbiSolar. Per 1 maart 2010 is de witte Derbibrite NT ook voorzien van het KOMO-certificaat. Onlangs nog werd in krap twee maanden tijd het dak van Flanders Expo in Gent (54.000 m²) voorzien van de DerbiSolar, wat resulteerde in een opwekkend vermogen van 1,86 MWp. Dit is een project waarbij Derbigum Energies in België optrad als hoofdaannemer en waarbij de dakbedekkingfabrikant dus ook alle (financiële) risico’s droeg. Sengers: “Wij hebben veel ervaring opgedaan op dit project en kunnen dan ook in de toekomst meer van dit soort grote projecten uitvoeren, temeer omdat wij op dit moment in Noord-Frankrijk één van onze vier eigen dakdekkerbedrijven aan het ombouwen zijn tot installatiebedrijf.”

“In Duitsland en België is de toepassing van zonne-energie in volume een grote markt,” aldus Sengers. In Nederland is het helaas een ander verhaal en dat is wel eens frustrerend. Ca. tien jaar geleden was Nederland leidend op het gebied van zonne-energie, maar het subsidiesysteem liep toen totaal uit de hand. Er is toen rigoureus een streep door het hele systeem gezet. We zien nu dat men in België de regelingen ook langzaam afbouwt. Toch heeft men in België ingezien dat het belangrijk is dit op een geleidelijke manier te doen, men moet immers kunnen blijven vertrouwen op de steun van de overheid om vraag en aanbod elkaar te laten ontmoeten. De terugverdientijd is in België 5-7 jaar.”

Is het dan niet beter om gewoon de markt haar werk te laten doen, zoals in Nederland gebeurt? “Nee,” zegt Sengers. “Natuurlijk is marktwerking wel het doel, maar de markt voor zonne-energie is nog niet in balans. Het is een nieuwe markt. De producten voor zonne-energie zijn ondanks een dalende prijs nog steeds relatief kostbaar, waardoor de terugverdientijd van een systeem ongeveer 13-15 jaar is. Door de toepassing van deze systemen aan te moedigen d.m.v. een subsidie – en dan doel ik niet op een tijdelijk, gelimiteerd, loterij-achtig potje, zoals nu het geval is – worden vraag en aanbod met elkaar in contact gebracht. In de huidige situatie wacht men op elkaar. Klanten zullen niet zo snel een systeem toepassen omdat de kosten te hoog zijn. Aanbieders zullen hun prijzen niet extreem verlagen omdat er nauwelijks vraag is. Het proces waarin ecologie en economie met elkaar in evenwicht kunnen komen, wordt versneld via de subsidies. Er zijn zeer veel enthousiaste mensen met kennis van zaken actief op de Nederlandse markt, die nu geen kans van slagen hebben omdat het geld er niet is. Bovendien staat de haalbaarheid van de overheidsdoelstellingen om ook middels duurzame zonne-energie o.a. CO2 te reduceren op deze manier enorm onder druk.”

Recycling

Het bedrijf recyclet al 11 jaar: schoon snijmateriaal, maar ook oude dakbanen. Inmiddels kan ca. 40% van het gerecyclede materiaal opnieuw in de toplaag worden toegepast (Derbigum NT) zonder dat hierbij concessies wordt gedaan aan de bewezen levensduur van 35 jaar. In de nieuwe ecologische onderlaag Derbicoat NT wordt zelfs tot 50% gerecycled materiaal toegepast. Materiaal dat ongeschikt is om in de rollen verwerkt te worden door bv. de aanwezigheid van asfaltenen, wordt weer geleverd aan de asfaltindustrie. Hierdoor wordt de keten gesloten. Sinds 1998 beschikt Derbigum over het ISO 14001 milieumanagement certificaat en binnenkort wordt merkvrij bitumen snijmateriaal gratis in bigbags bij de Erkenninghouders opgehaald.

“Bij ecologisch bouwen is het van belang dat naar het totale plaatje wordt gekeken,” aldus Sengers. “In hoeverre belast het product het milieu bij de winning van de grondstof, tijdens transport, in de productie, tijdens de levensduur, bij het recyclen etc. Het eenzijdig de nadruk leggen op een bepaalde (mogelijke ecologische) eigenschap kan een vertekend beeld opleveren. Het gaat er niet alleen om of een dakbedekking een lange (verwachte of bewezen) levensduur heeft. Het totale plaatje is bij Derbigum door Ecobilan (De Europese milieu zusterorganisatie van PriceWaterhouseCoopers) de afgelopen 2,5 jaar in kaart gebracht. Cijfers over besparingen op energie, CO2 emissies in de totale keten etc. met betrekking tot de NT-producten in vergelijk met traditionele systemen zijn door hen gevalideerd en juist bevonden. Zo resulteert de Derbigum NT oplossing in 43 % minder CO2 uitstoot in vergelijking met een traditioneel 2 laags systeem. Ecobilan heeft getoetst conform de NEN-ISO 14040 en 14044 eisen; de opname van de LCA in een milieumanagement systeem. Derbigum heeft de bijbehorende certificaten medio 2009  in ontvangst mogen nemen. Met alleen maar ISO 14001 kom je er vandaag de dag niet.”

Sengers: “Als je weet dat materiaalgebruik 80% uitmaakt van de CO2-emissie van een product, moet je dus naar dunnere rollen (ook in bitumen), in plaats van naar dikkere. Bij de meeste concurrerende rollen met een bewezen levensduur van 15 of 20 jaar levensduur probeert men dan te gaan naar een verwachte levensduur van 20 of 25 jaar door de rollen dikker en dus ook zwaarder te maken. Dit is niet duurzaam; dit is meer niet gerecycled materiaal in je rol stoppen - en dus meer CO2 emissie.”

Het bedrijf heeft flink geïnvesteerd in de machines voor het recyclen (men heeft momenteel twee recyclemachines operationeel, eind dit jaar komt er nog één bij), het totale logistieke traject van het recyclen van dakbanen en de ontwikkeling van ecologische dakmaterialen. Op dit moment recyclet men ca. 4300 ton per jaar. Het volume dat elk jaar gerecycled zal gaan worden ligt rond de 10.000 ton. Het eerste ecologische membraan is de Derbigum NT, een waterkerende APP toplaag met een dikte van 3 mm. Sengers: “Het is traditie dat een bitumen toplaag 4 mm dik is, dit komt ook voort uit het bitumen gieten van vroeger en de performance van de meeste bitumen dakbanen die ook nu nog in de markt verkrijgbaar zijn - maar dat is met deze samenstelling helemaal niet nodig. Wij kunnen onze dakrollen dunner uitvoeren omdat de glasvlies wapening bovenin de dakbaan zit. Aan de onderkant kon de dakbedekking met een millimeter dunner worden uitgevoerd zonder dat afbreuk wordt gedaan aan de kwaliteit en levensduur van de dakbaan. De eigenschappen van deze dakbaan komt overeen met de traditionele Derbigum dakbaan (4 mm), en levert bij bepaalde eigenschappen zelfs een betere prestatie. Bovendien zijn met deze baan ook alle gekende standaard applicaties uit te voeren, sluit deze aan bij ons assortiment zelfklevende top- en onderlagen in het kader van NEN 6050 en weegt de rol slechts 25 kg.”
“Ook het dienstenpakket is enorm veranderd en uitgebreid. Vroeger maakten wij voor het grootste deel alleen dakadviezen, tegenwoordig maken wij naast deze adviezen met werkomschrijving ook:energie-besparingsanalyses bij toepassing van de Derbibrite NT, energie-opleveringsanalyses bij toepassing van de Derbisolar, calculeren wij de CO2 emissie reductie bij toepassing van de Derbigum NT, Derbicoat NT en Derbibond NT wat we vervolgens op een milieu-certificaat per project kunnen vastleggen en recycleren wij oude dakbanen en schoon snijmateriaal. De software, waarmee de analyses van voornoemde diensten worden gemaakt, is gevalideerd door onafhankelijke professionele instanties en hierdoor worden objectieve resultaten gegarandeerd.”
Erkenninghouders

Tot enkele jaren geleden waren de producten van Derbigum enkel te verkrijgen via de Erkenninghouders. De acquisitie werd door producent en dakdekker gezamenlijk uitgevoerd
en de producent leverde de technische-commerciële kennis. Deze exclusieve distributie van de producten was volgens Sengers echter niet vol te houden, omdat de markt om meerdere distributievormen vroeg. Momenteel zijn de producten breder te verkrijgen. Dat betekent niet dat men afscheid heeft genomen van de Erkenninghouders, integendeel. Sengers: “De Erkenninghouders gelden als de specialist op het gebied van onze producten, ze worden immers nog steeds door ons o.a. opgeleid in de applicatie van nieuwe producten en als enige distributiekanaal geïntroduceerd bij architecten en eindgebruikers. Ook zijn zij de enigen die de Derbigum Euracor garantie kunnen aanbieden en staan ze allemaal op onze website.”

Hiernaast kennen we nog een tweede kanaal; die van de niet erkende verwerker. Deze verwerkers komen vaak pas in aanraking met Derbigum nadat de opdrachtgever de opdracht in aanbesteding aan deze verwerker heeft gegund, danwel al jaren met deze verwerker zaken doet. Aan ons de taak om ervoor te zorgen dat ook deze verwerkers het product duurzaam kunnen verwerken. Het gevolg is dat partijen elkaar scherp houden. De ‘nieuwe’ verwerkers gaan enthousiast met onze producten aan de slag, en de Erkenninghouders kunnen op deze manier hun toegevoegde waarde blijvend bewijzen. De markt verandert in hoog tempo en we moeten mee. Wij hebben een duidelijke visie op de markt en we willen dan ook samen werken met verwerkers die onze visie delen. Bovendien zien we een duidelijke regionale omzettoename bij die Erkenninghouders waar ook een niet erkende verwerker in de buurt zit. Door met elkaar meer over Derbigum te praten in de markt wordt de taart niet herverdeeld, zoals in het begin werd gedacht, maar groter.”