Zoeken

Roofs 2014-07-03 Regels

Als gewone Nederlander moet je je volgens de overheid aan de ‘gezamenlijk’ overeengekomen regels houden. Regels zijn vastgelegd in allerlei wetten en voorschriften. De overheid controleert hierop contentieus.

De Belastingdienst controleert bijvoorbeeld ieder jaar nauwgezet of je aan alle belastingverplichtingen, vastgelegd in de wetten, hebt voldaan. Wanneer je opgave niet klopt, of je bent iets vergeten, word je zonder enige clementie op niet misselijke wijze beboet.

Is er een parallel trekken met de door de overheid beschreven bouwregelgeving, vastgelegd in het Bouwbesluit? Simpel gezegd is bouwen bij wet verboden, tenzij je hiervoor een vergunning hebt kunnen verkrijgen. En ja: een vergunning krijg je alleen als je ontwerp voldoet aan de spelregels uit het Bouwbesluit.

Voor het ontwerp van een dak is er natuurlijk ook uitgebreide regelgeving van toepassing. Regelgeving die er op gericht is dat een dak van een gebouw voor de voorziene gebruiksduur zal presteren. Daken mogen bijvoorbeeld niet instorten, wegwaaien of lek raken - en ze moeten o.a. veilig begaanbaar zijn.

Zo lijkt het erop dat we het in Nederland uitstekend voor elkaar hebben. We ergeren ons wel vaak aan de vele regels, maar vinden het andere kant ook heel prettig dat we erop terug kunnen vallen.

Regels voor het ontwerp kun je goed toepassen door zorgvuldig en aantoonbaar invulling te geven aan een voorschrift. Hierop controleert Bouw- en Woningtoezicht bij het afgeven van een vergunning. Tijdens de bouwfase controleert zij of gebouwd wordt volgens vergunning. Groot verschil met de Belastingdienst is, dat weet iedereen, dat de praktijk leert dat de overheid de capaciteit niet heeft invulling te geven aan haar taak als handhaver op alle beschreven aspecten.

Heeft u wel eens gehoord van een boete, indien achteraf wordt vastgesteld dat een dak niet heeft voldaan aan de voorschriften die beschreven stonden in de vergunning?

Nee, daken kunnen nu eenmaal instorten of er afwaaien bij noodweer. Daken kunnen ook gaan lekken, het hoort er allemaal bij. We zijn kundig in het herstellen en lossen de problemen weer netjes op.

Verzekeringspartijen moeten zich immers ook aan overeengekomen spelregels houden en vergoeden de schade, mits niet in de kleine lettertjes is vastgelegd dat het dak dan wel aan alle regels moet voldoen.

Toch blijkt het voor de gebouweigenaar vaak mis te gaan. De gebouweigenaar laat een gebouw ontwerpen en bouwen. Bouwen mag alleen als de overheid heeft vastgesteld dat voldaan is aan alle vergunningseisen. De aannemer bouwt en stelt samen met diverse onderaannemers, waaronder de dakaannemer, het dak samen.

De verzekeraar neemt het gebouw in dekking. De gebouweigenaar neemt of geeft het gebouw in gebruik.

Dan komt er noodweer, en ja: er ontstaat schade aan het dak met overlast en risico’s voor de gebruikers. Bij de afhandeling van de schade tref ik zelden, uitgezonderd de heel grote calamiteiten, de overheid om vast te stellen of is voldaan aan wet- en regelgeving. Nu stuur ik er niet op aan de overheid boetes uit te laten delen, maar duidelijkheid over handhaving, wat je als gebouweigenaar nu wel of niet mag verwachten van de overheid en overige partijen is op zijn plaats.

Professionele marktpartijen bezinnen zich al jaren over de vraag hoe deze verantwoordelijkheid moet worden opgepakt. Het wordt immers duidelijk dat de overheid zich steeds verder terugtrekt en de volledige verantwoording bij de gebouweigenaar neerlegt. Dit maakt het op zich wel duidelijker voor de gebouweigenaar, maar niet gemakkelijker.

Als gebouweigenaar hoef je niet bij de overheid aan te kloppen als het misgaat met je dak. Dat is een gegeven. Het advies is het ‘waar dan wel’ tijdig vast te stellen.

Nic-Jan Bruins