Zoeken

Roofs 2015-06-14 Klimaatverandering uitdaging voor dakenbranche (premium)

Trendwatcher

In de rubriek Trendwatcher behandelt Roofs actuele en toekomstige ontwikkelingen in de dakenbranche. Er is veel dynamiek en de dakenbranche ziet zich voor veel uitdagingen geplaatst. De rubriek wordt verzorgd door Hendrik Jan Kaal.

Hendrik Jan Kaal

Onlangs was het Verbond van Verzekeraars in het nieuws omdat zij een flinke toename van de water- en stormschades verwachten naar aanleiding van de laatste KNMI klimaatscenario’s. Klimaatverandering is inmiddels een blijvend thema. Reden om te kijken hoe de dakenbranche daarmee om gaat. Vooruitlopend op de conclusie: de oud-Hollandse wijsheid ‘de ketting is zo sterk als de zwakste schakel’ geldt ook hier. Dit artikel verkent de impact van klimaatverandering en de noodzakelijke veranderingen in de keten.

Klimaatverandering

Het dak is er bij uitstek om ons tegen het klimaat te beschermen. En dat klimaat gaat veranderen: we kunnen extremer weer verwachten. Wat zeggen die klimaatscenario’s nu eigenlijk? Daarvoor terug naar de bron, de “KNMI’14-klimaatscenario’s”. De scenario’s zijn uitgewerkt voor 2050 en 2085. Ik beperk mij hier tot de scenario’s voor 2050 en neem de grootste afwijkingen in vergelijking met nu. Er is dus ook kans op meer gematigde ontwikkelingen. De volgende punten haal ik naar voren:

  • Zonnestraling kan in de zomer toenemen met +6,5%, als gevolg van minder luchtvervuiling en minder bewolking. Op jaarbasis is de toename maximaal +1,6%.
  • De jaarlijkse gemiddelde temperatuur kan met 2,3°C toenemen. Deze was in de referentieperiode 10,1°C.
  • Het aantal zomerse dagen (>25°C) kan stijgen met 70%, vanaf 21 dagen in de referentieperiode.
  • Het aantal dagen met neerslag >20mm in de zomer kan toenemen met +30%. Gemiddeld is het aantal dagen met >20 mm neerslag nu 1,7 dagen/zomer.
  • Het aantal dagen met >10 mm in de winter kan toenemen met 35%. Dat was in de referentieperiode 5,3 dagen/winter.
  • De totale neerslag kan met 5,5% toenemen, deze was in de referentieperiode 851 mm.
  • De windsterkte en het aantal stormen zal niet significant toenemen, wel is de natuurlijke variatie in windsterktes en stormen groot.

In de scenario’s voor 2085 zetten deze trends zich in dezelfde richting voort.

Impact op daken

Voor ontwerp, materialen, constructie en aanleg van daken betekent dit dat een aantal eisen toenemen:

  • Hogere eisen aan temperatuurbestendigheid en hogere eisen voor bestendigheid tegen UV instraling. Niet alleen gemiddeld over het hele jaar, maar ook een piek in de zomer.
  • Hogere eisen aan hemelwaterafvoer en belasting vanwege neerslag, zowel in zomer als winter. Dit zowel qua totale jaarlijkse belasting als dagen met piekbelasting.
  • De windbelasting zal niet significant toenemen.

Daarnaast is uit het recente onderzoek van het Verbond van Verzekeraars af te leiden dat ook zij klimaatverandering serieus nemen. Zij voorzien een mogelijke toename van met name waterschades van 135% (dat zijn overigens niet alleen schades aan daken)! Overigens valt het hen op dat er recent ook een voorjaarsstorm met veel schade over Nederland heeft geraasd, waar zij die vooral in de herfst verwachten.

Is de dakenbranche er klaar voor?

In de huidige praktijk gaat er veel goed. Toch gaat er nog teveel fout. Dat tonen de laatste maanden aan. Rond de feestdagen in 2014 is een aantal daken ingestort en bezweken onder de neerslag, deels sneeuw. Het betrof hier onder andere gerenommeerde supermarkten en het was een geluk bij een ongeluk dat er geen slachtoffers zijn gevallen. Ook de storm van begin dit jaar heeft de nodige schades aan daken opgeleverd, onder andere van het gebouw van een energieleverancier. Dat betekent dat er niet alleen technische en financiële risico’s zijn, maar ook maatschappelijke risico’s worden gelopen als daken niet bestand zijn tegen het klimaat. Met enkele tientallen dakinstortingen per jaar en dito stormschades, die potentieel grote gevolgen hebben, kan de dakenbranche niet stellen dat zij nu al is opgewassen tegen de toenemende belasting door het klimaat.

Een veeg teken is ook dat dakdekkers zelf niet in hun eigen product lijken te geloven: garantieregelingen sluiten regelmatig stormschade vanaf een windsnelheid van 20 m/s
uit. Dat is windkracht 8 (‘stormachtige wind’ volgens de
schaal van Beaufort). Windkracht 9 (storm: 20,8 -24,4 m/s) valt al niet meer onder de garantie. En dat terwijl de hardste windstoten vaak een schaal hoger liggen dan de gemeten windkracht. Als het echt stormt geeft de branche niet thuis…

Innovaties schroeven de eisen verder op

Daken worden steeds vaker anders gebruikt dan traditioneel gebruikelijk was. Door ambities om de ruimte anders te gebruiken, duurzaamheid van gebouwen te vergroten krijgt het dak nieuwe toepassingen, naast het bieden van bescherming tegen invloeden van buitenaf. We zien parkeerdaken, energiedaken met windmolens en/of zonnepanelen, groendaken, daktuinen voor recreatief gebruik of voor waterbuffering en zelfs sportvelden op daken.

Al deze innovatieve toepassingen van het dak brengen met zich mee dat er nieuwe elementen aan het dak worden toegevoegd, die ook moeten voldoen aan de klimaatbestendigheid. Een windmolen op een dak of een getuide boom op een dak vangt meer wind dan een dakbedekkingsysteem op zich. Een groendak of daktuin neemt veel meer water op dan normaal op een dak achterblijft. Waterbuffering stelt hogere eisen aan de waterdichtheid, belasting qua gewicht aan het dakbedekkingsysteem, maar ook aan de onderconstructie. En die eisen worden hoger met de hierboven geschetste toename van neerslag en piekbelastingen. Zijn de daken die recent zijn gebouwd hier al op berekend?

Met andere woorden, het is al nodig om traditionele daken aan te passen aan de klimaatverandering, maar die aanpassing wordt nog complexer bij allerlei nieuwe benutting van het dakoppervlak.

Normering en regelgeving

Ook de normering en regelgeving zal een been bij moeten trekken en tijdig moeten reageren, of liever anticiperen. Zo stammen bijvoorbeeld het Bouwbesluit uit 2012, dat zich baseert op NEN 6707. NEN 6707 en NPR 6708 stammen uit 2013. Allen zijn dus ouder dan de KNMI’14-klimaatscenario’s.

Ook houdt normering en regelgeving onvoldoende rekening met de nieuwe toepassingen van daken zoals hierboven beschreven. Zo is in de Vakrichtlijn gesloten dakbedekkingsystemen (deel A, 6-3) de volgende zin te vinden: “De meeste losliggende vegetatiedaken voldoen niet aantoonbaar aan het Bouwbesluit (NEN 6707) maar waaien er toch niet af”. Duidelijk signaal dat de normering achter de ontwikkelingen aanloopt. En gelukkig gaat het kennelijk dan wel meestal goed.

Tevens zien we een toenemend aantal mogelijke combinaties van verschillende materialen in een dakbedekkingssysteem. Deze materialen zijn op zichzelf vaak voorzien van een certificaat, maar alle mogelijke combinaties te certificeren is niet doenlijk. Deze complexiteit zal alleen maar toenemen met het toepassen van zonnepanelen, het plaatsen van masten met windmolens, het gebruik van groen op het dak enzovoorts.

De regelgeving moet dus een inhaalslag maken. Het is zelfs de vraag of dat voldoende is, of dat er nagedacht moet worden over een ander systeem van normeren en/of waarborgen van de kwaliteit van ontwerp, constructie, materialen en aanleg. Gezien het belang van de onderconstructie bij waterschades moet die mogelijk integraal betrokken worden.

De hele keten moet meedoen

Een dakinstorting door wateroverlast of een stormschade, maar ook een minder ingrijpende schade kan optreden vanwege allerlei oorzaken en dat laat de praktijk ook zien. De oorzaak kan liggen in het ontwerp, de constructie, de materiaalkeuze en -eigenschappen, de verwerking van de materialen bij de opbouw van het dakbedekkingsysteem of het onderhoud. Dat betekent ook dat de hele keten in de dakenbranche moet meedoen om de dakenbranche klimaatbestendig te maken: opdrachtgevers in hun PvE en specificaties, architecten in hun ontwerp, constructeurs in hun berekeningen en constructie, leveranciers van materialen in hun producteigenschappen en -specificaties, aannemers en dakdekkers in hun werkprocessen, vastgoedbeheerders in hun onderhoudsconcepten en uitvoering en mogelijk zelfs verzekeraars in hun voorwaarden. En opstellers van normen en regels moeten de hele keten houvast bieden in een steeds complexere dakenwereld. Zij moeten een flexibel en snel systeem opzetten om gelijke tred te houden met de snelle ontwikkelingen.

Klimaatbestendigheid is het totaalresultaat van de kwaliteit die ieder van de schakels levert. Als er één onder de maat presteert, is het hele dak onder de maat. En dat geeft risico’s op schades en ernstiger incidenten. De keten is hier zo sterk als de zwakste schakel.

Conclusies

Nog even de belangrijkste conclusies op een rij:

  • Klimaatverandering treedt tot 2050 vooral op in stijging van temperatuur, toename van zonnestraling (UV) en van regenval. Zowel gemiddeld over het hele jaar als ­piekbelastingen.
  • Klimaatverandering zal leiden tot hogere eisen aan eigenschappen van materialen en dakbedekkingsystemen.
  • De dakenbranche is er nog niet klaar voor. Ook in het huidige klimaat treden regelmatig omvangrijke schades met grote risico’s, ook voor mens en maatschappij, op.
  • De opgave voor de dakenbranche om klimaatbestendig te worden wordt vergroot door de nieuwe toepassingen van daken c.q. ruimtegebruik.
  • Regelgeving en normering hebben moeite om het tempo bij te benen en leiden niet altijd tot klimaatbestendige dakbedekkingssystemen.
  • Alle partijen in de keten zullen hier samen op moeten ­trekken.

Wie pakt de handschoen op?!